Extra informatiebox FruitLent



 
 

 

Ervaringen zonnepanelen
(tweede installatie)


Deze installatie is op 30 augustus 2012 in gebruik genomen. Sindsdien zijn dit de jaaropbrengsten:
- van 30 augustus 2012 tot 30 augustus 2013: 438 kWh
- van 30 augustus 2013 tot 30 augustus 2014: 442 kWh
- van 30 augustus 2014 tot 30 augustus 2015: 467 kWh
- van 30 augustus 2015 tot 30 augustus 2016: 452 kWh
- van 30 augustus 2016 tot 30 augustus 2017: 454 kWh
Gemiddeld tot nu toe: 451 kWh per jaar.

Vanaf het moment van ingebruikname werd duidelijk dat het rendement van deze tweede installatie verhoudingsgewijs iets lager ligt dan onze eerste installatie. Deze tweede installatie heeft een vermogen van 601 WattPiek; het vermogen is dus 7.1% ten opzichte van onze eerste installatie (die een vermogen heeft van 8.484 WattPiek).

Omdat de tweede installatie geheel op het westen is georienteerd, ligt deze verhoudingsgewijs iets gunstiger dan de eerste installatie. De eerste installatie ligt immers voor de helft op het oosten en voor de helft op het westen, terwijl het westelijke dakvlak in ons geval iets gunstiger is gepositioneerd. We zouden dus verwachten dat de opbrengst van de tweede installatie iets meer dan 7.1% van de opbrengst van de eerste installatie zou zijn.

De praktijk is echter dat de tweede installatie gemiddeld ongeveer 6.13% van de opbrengst van de eerste installatie genereert (dus verhoudingsgewijs ongeveer 15% minder). Niet dat dit voor ons overigens een reden is tot ontevredenheid, want de tweede installatie presteert nog steeds conform specificaties. Mogelijk dat het meer een opsteker is voor de eerste installatie, die inmiddels heeft bewezen (veel) beter te presteren dan de prognoses.

 

Wat zou de oorzaak kunnen zijn van deze verhoudingsgewijs iets lagere opbrengst ?

Er zijn enkele mogelijke verklaringen:

  1. De tweede installatie bestaat uit panelen met monokristallijne zonnecellen. Het is bekend dat deze op daken die niet optimaal op het zuiden zijn georienteerd verhoudingsgewijs iets minder goed presteren dan polykristallijne zonnecellen;
  2. De panelen van de tweede installatie zijn (om esthetische redenen) volledig zwart. Het is bekend dat deze door de zwarte kleur bij hoge zoninstraling iets warmer kunnen worden dan andere panelen. Bij meer warmte neemt de elektrische weerstand toe, waardoor de opbrengst afneemt;
  3. Er kan sprake zijn van een prestatieverschil tussen panelen van verschillende merken en types, waardoor het door de fabrikant opgegeven vermogen (in WattPiek) dus niet altijd 100% vergelijkbaar is;
  4. De Soladin-600 omvormer staat niet bekend als zeer efficiënt. Hierdoor wordt verhoudingsgewijs iets meer van de opgewekte zonne-energie verbruikt voor het omvormingsproces naar 230 Volt wisselstroom.

Mogelijk leveren alle genoemde factoren een bijdrage aan de iets lagere opbrengst van deze installatie; we vermoeden echter dat de vierde factor de voornaamste is.