© FruitLent

EXCLUSIEVE VRUCHTENTUIN OP DE RAND VAN DE STAD

   >> HOME      >> FRUITGEWASSEN
   
       
  PERZIKEN & NECTARINES   © FruitLent
 

 

 

   
 

Naamgeving en herkomst

De perzik wordt gerekend tot de botanische soort Prunus persica. Zowel de wetenschappelijke naam als de Nederlandse naam doen vermoeden dat de perzik uit Perzië (thans: Iran) afkomstig is. Dit is echter maar ten dele waar. De perzik stamt namelijk niet uit Perzië, maar uit Oost-Azië. Als verklaring voor de misleidende soortnaam wordt wel eens gegeven dat de Romeinen de vrucht in Perzië leerden kennen, of dat hun voorgangers in de heerschappij over de toenmalig bekende wereld, de Grieken, de perzik daar hadden aangetroffen. Zekerheid daarover is nu niet meer te krijgen.

De nectarine is een perzik met een gladde vruchthuid. Behoudens de vruchthuid bestaat er (in botanisch opzicht) derhalve geen enkel verschil tussen perziken en nectarines. Een nectarine is dus beslist geen kruising tussen een perzik en een pruim, zoals soms wordt verondersteld. De nectarine behoort dus ook tot de botanische soort Prunus persica en omdat er in botanisch opzicht geen enkel verschil bestaat, gebruiken we hieronder steeds de aanduiding "perzik". Daar waar hieronder "perzik" staat zou dus ook steeds "nectarine" kunnen worden gelezen.

De perzik is genetisch diploïd (2n = 2x = 16).

 

   
       
 

Kenmerken en teelt

De perzik groeit, net als de pruim en de abrikoos, aan een bladverliezende boom. De bladeren van de perzik zijn lancetvorming en wijken daarmee sterk af van pruimenbladeren of abrikozenbladeren. Alle commerciële perzikenrassen hebben groen gekleurde bladeren. Er bestaan echter ook enkele rassen met rood gekleurde bladeren, die daardoor een extra hoge sierwaarde hebben.

Naast de perziken met een normale groeiwijze bestaan er ook dwergperziken. Deze wijken af door hun gedrongen groeiwijze, als gevolg van de zeer korte internodiën (ofwel een kleine afstand tussen de bladeren). Deze dwergperziken groeien veel langzamer met kortere scheuten. De dichtheid van knoppen op deze scheuten ligt drie tot vier maal zo hoog als bij een perzik met normale groeiwijze. Deze dwergperziken worden over het algemeen speciaal voor de sier geteeld, alhoewel de kleine boompjes vaak ook eetbare vruchten produceren.

De bloesems van de perzik verschijnen al vroeg in het voorjaar en zijn in de meeste gevallen lichtroze tot donkerroze van kleur. Er is tussen de rassen veel variatie in het aanzicht van de bloesems; deze kan variëren van prachtige grote lichtroze bloesems tot kleine onooglijke donkerroze bloesems. Bij dwergperziken die voor de sier worden gekweekt komt nog meer variatie in bloemkleur en bloemvorm voor: zelfs geheel witte bloemen, bijna rode bloemen en bloemen met dubbele hoeveelheid kroonbladeren komen daar voor. De bloesems van perziken bloeien vroeger dan bij pruimen en iets later dan bij abrikozen en zijn door dit nogal vroege tijdstip extra gevoelig voor schade door nachtvorst.

De bloesems worden gevormd in bloemknoppen die zich meestal zelfstandig of met z'n tweeën bevinden aangrenzend aan de bladknoppen op de éénjarige langloten. Bij perziken komen bloemknoppen zeer zelden op kortloten op het overjarige hout voor, zoals dit bij pruimen en abrikozen gewoonlijk wel het geval is. Hierdoor is de snoei van perzik gericht op het behoud en bevorderen van sterke éénjarige langloten met goede bloemknoppen.

De schil van de perzikvrucht voelt een beetje pluizig aan; een vorm zonder pluizige schil heet een nectarine.

Het vruchtvlees van de perzik kan wit, geel of rood van kleur zijn, al naar gelang het ras.

Wit of geel vruchtvlees:
Rassen met wit vruchtvlees zijn over het algemeen beter van smaak (aromatischer) dan rassen met geel vruchtvlees. Wel hebben geelvlezige vruchten meer waardevolle plantaardige kleurstoffen (caroteen) en zijn deze over het algemeen steviger, waardoor ze beter houdbaar zijn en geschikter zijn voor transport over grotere afstanden. Door deze betere bewaar- en transportmogelijkheden zijn geelvlezige rassen in sommige landen populairder dan witvlezige rassen. Dit is ook de reden waarom perziken in de supermarkt meestal geelvlezig zijn.
Doordat sommige plantenveredelaars gericht hebben gezocht naar nieuwe witvlezige rassen met een betere houdbaarheid, zijn er inmiddels echter ook diverse witvlezige rassen beschikbaar die voldoende houdbaar en transporteerbaar zijn.

Zowel bij witvlezige als bij geelvlezige rassen die voor verse consumptie zijn bestemd, komt het vaak voor dat het vruchtvlees rondom de steen rood is verkleurd.

Door de verwerkende industrie (perziken op siroop) worden gewoonlijk geelvlezige rassen gebruikt, vanwege de stevigere textuur van het vruchtvlees. De rassen die voor de verwerking zijn bedoeld hebben aan de buitenzijde weinig dekkleur en een kleine niet gekleurde steen. De geringe verkleuring aan de buitenzijde zorgt ervoor dat rijpe vruchten aan de boom zeer snel herkend kunnen worden, hetgeen de plukprestatie verhoogt. De niet verkleurde steen garandeert dat het zuiver geel gekleurde vruchtvlees na verwerking en bewaring van de verwerkte producten zo weinig mogelijk kleurverandering ondergaat. Dit komt omdat de rode kleurstof die rondom de steen van veel andere perzikrassen voor komt na verwerking niet zo stabiel is, waardoor deze gedurende de bewaring van verwerkte producten van oranjegeel naar bruingeel verkleurt, hetgeen natuurlijk niet zo fraai is.
In Italië wordt deze groep perzikrassen met zeer stevig geel gekleurd vruchtvlees dat moeilijk los laat van de steen, ook wel aangeduid als "Percoche" of "Percoca". Plantgoed van Percoche wordt via het internet soms aangeboden als een soortkruising van perzik en abrikoos. Dit is dus niet correct: het gaat om een bepaalde groep geelvlezige perziken en dus niet om een soortkruising met abrikoos.

Rood vruchtvlees:
Bijzonder zijn de perziken met rood vruchtvlees. Deze worden ook wel aangeduid als bloedperzik, wijnperzik of wijnbergperzik. Het vruchtvlees van deze perziken is in feite wit van kleur met sterke rode verkleuring als gevolg van de aanwezigheid van anthocyaan.
Er was lange tijd weinig belangstelling voor deze roodvlezige perziken, waardoor er weinig is gedaan aan de verbetering van het rassenassortiment. Het gaat daarom vaak om locale oude variëteiten waarvan de vruchten zelden op de markt komen. Deze oude variëtieten rijpen laat in het seizoen en worden in de teeltgebieden soms verkocht op weekmarkten of rechtstreeks vanaf de teler.
Door veredelaars is de ontwikkeling van nieuwe bloedperziken echter weer ter hand genomen, waardoor er inmiddels enkele nieuwe rassen met verbeterde eigenschappen op de markt zijn gekomen. Door de Franse veredelaar René Monteux-Caillet is inmiddels ook een bloednectarine ontwikkeld, welke onder de merknaam Nectavigne® wordt verkocht.

Krulziekte:
In alle teeltgebieden van de perzik is de krulziekte een probleem welke moet worden bestreden. De ziekte wordt veroorzaakt door de schimmel Taphrina deformans. Als gevolg van de aantasting door deze schimmelziekte vertonen de bladeren in het voorjaar zeer ernstige misvormingen. De misvormingen verkleuren eerst rood en daarna geelbruin. Aangetaste bladeren zijn bros. Later in het seizoen (juni) groeit de boom door de aantasting heen. De boom kan in de voorafgaande periode echter ernstig verzwakken, zeker als de ziekte gepaard gaat met een overvloedige vruchtzetting (vruchtdunning !). Hierdoor kan de vitaliteit van de boom jaar na jaar afnemen en kan de boom er steeds meer moeite mee krijgen om door de aantasting heen te groeien. De boom kan uiteindelijk een kwijnend bestaan gaan leiden en kan zelfs afsterven. De krulziekte is ook een belangrijke oorzaak dat de perzik in particuliere tuinen weinig voor komt. Veel particulieren rooien de boom nadat deze jaar na jaar is aangetast en nemen niet de moeite om de ziekte te bestrijden.
Lees hier verder over de bestrijding van de krulziekte.
Er zijn enkele rassen beschikbaar met een behoorlijk goede resistentie tegen de krulziekte. Onderaan deze pagina treft u meer informatie aan over deze rassen.

 

 

 

de bladeren van perzik zijn lancetvormig

 

 

 

 

 

 

 

 

 

vruchten van 'Fertile de Septembre' met pluizige schil en rode verkleuring rondom de steen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

krulziekte in perzik (lichte symptomen)

       
 

Commerciële aspecten

De perzik is al lange tijd een belangrijk fruitgewas in de landen rondom de Middenlandse Zee en wordt ook commercieel geteeld in de Verenigde Staten, Chili, Argentinië, Australië en Zuid-Afrika.

De nectarine, de gladde vorm van de perzik, maakte in de buitenlandse teeltgebieden pas vanaf de 60-er jaren van de vorige eeuw een flinke opmars. Mede doordat veredelaars nieuwe verbeterde rassen introduceerden, heeft de teelt de laatste decennia een grote vlucht genomen. Hierdoor zijn deze gladde perziken inmiddels een bekende verschijning in de Nederlandse winkels geworden.
De meeste commerciële nectarinerassen hebben geel vruchtvlees, waardoor de meeste nectarines die u in de winkel aantreft geelvlezig zullen zijn. Er zijn door gerichte veredeling inmiddels echter ook goede witvlezige nectarinerassen op de markt, welke u hierdoor al af en toe kunt aantreffen.

In de noordelijke gebieden van Europa (zoals in Nederland) is de teelt van perziken eveneens mogelijk, doch door het vroege bloeitijdstip is er sprake van verhoogde kans op nachtvorstschade. Hierdoor is de oogstzekerheid van jaar tot jaar in Nederland onvoldoende voor commercieel opgezette boomgaarden. In de jaren '60 van de vorige eeuw zijn er wel boomgaarden in Limburg aangeplant geweest, veelal voor de verwerkende industrie.

In de 20-ste eeuw zijn in Nederland ook nog jarenlang perziken in kassen geteeld. Deze teelt is echter zodanig kostbaar dat met de oogst niet langer te concurreren viel met de perziken die in Zuid-Europa gewoon buiten groeien. Daarom is deze teelt onder glas nagenoeg verdwenen.

Omdat perzik in Nederland geen commerciëel gewas (meer) is, is er bij de Nederlandse boomtelers niets gedaan aan vernieuwing van het rassenassortiment. Daarom is bij de Nederlandse boomtelers uitsluitend plantgoed verkrijgbaar van dezelfde oude rassen als die zo'n vijftig tot honderd jaar geleden ook al werden aangeboden. Voorbeelden van dergelijke oude rassen zijn: 'Wassenberger', 'Amsden', 'Peregrine', 'Champion', 'Vaes Oogst', 'Charles Ingouf' en 'Madame Blanchet' (deze laatste is een nectarine).
In het buitenland daarentegen, zijn ontelbare nieuwe rassen op de markt gebracht. Hierdoor is bij buitenlandse boomkwekers plantgoed beschikbaar van zeer veel nieuwe rassen met verbeterde eigenschappen.

 

   
       
 

Omschrijving collectie FruitLent

De aanplant in FruitLent bestaat uit vier verschillende bomen in laagstam-vorm, welke zijn geplant op een plantafstand van 5,00 x 3,70 meter. De bomen zijn voorzien van druppelbevloeiing met een capaciteit van 4 liter per uur. Daarnaast zijn in het siertuin-gedeelte enkele dwergperziken aanwezig, welke zijn aangeplant voor de combinatie van sierwaarde en nutswaarde.

Bij de rassenkeuze van de gewone perziken is in FruitLent is rekening gehouden met een mindere vatbaarheid voor de hierboven reeds omschreven krulziekte. Een mindere vatbaarheid wordt in diverse hobbyistenboeken overigens toegedicht aan diverse rassen. Deze beweringen zijn echter dikwijls op drijfzand gebaseerd. Daarom zijn in FruitLent uitsluitend rassen geplant waarvan de mindere vatbaarheid op een wetenschappelijk verantwoorde basis is vastgesteld. De meeste van deze rassen betreffen nieuwe rassen die pas recentelijk zijn geïntroduceerd. Er is echter niet bij al deze rassen sprake van een volledige resistentie, doch van een deelresistentie. Ook de bomen van deze rassen worden derhalve wel aangetast, maar de aantasting is gemiddeld genomen minder hevig en de bomen groeien sneller door een aantasting heen.

De dwergperziken in het siertuingedeelte van Fruitlent hebben geen deelresistentie tegen de krulziekte en zijn zelfs te kwalificeren als vatbaar. Aangezien deze boompjes echter klein blijven, zijn bespuitingen tegen de krulziekte eenvoudig te realiseren. De vatbaarheid voor krulziekte is bij dergelijke klein blijvende boompjes derhalve minder bezwaarlijk.

Er is in FruitLent ervaring opgedaan met de navolgende rassen:

Gewone perziken:

Avalon Pride

Ook bekend als 'Croft'.

Dit ras is omstreeks 1981 gevonden door Margaret J. Proud in Issaquah vlakbij Seattle (Washington State, Verenigde Staten) als een toevalszaailing in een composthoop. De zaailing viel haar op omdat de boom geen aantasting had door de krulziekte en ook overigens een gezonde indruk maakte. In 1986 heeft ze daarom een verzoek ingediend bij het Mount Vernon Research Station van de Washington State University (WSU) om de zaailing verder te testen. Enthout is vervolgens in 1990 op het Mount Vernon Research Station op een aantal onderstammen geënt en de selectie is daar in de opvolgende jaren beoordeeld. Gedurende de testperiode bleek steeds dat de selectie zeer weinig werd aangetast door de krulziekte. Omstreeks 2002 werd besloten om de selectie als nieuw ras te introduceren onder de naam 'Croft', doch deze is vervolgens met name bekend geworden onder de naam 'Avalon Pride', een verwijzing naar de locatie van Margaret's huis waar het ras werd gevonden.

De bomen van 'Avalon Pride' bloeien met niet al te grote maar wel fraaie donkerroze bloesems. Na de bloei blijkt gewoonlijk dat er veel dubbele vruchtjes zijn gezet (twee vruchtjes uit één bloem). Dergelijke dubbele vruchtjes moeten bij de vruchtdunning worden verwijderd, of moeten voorzichtig handmatig op enkel worden gezet. De vruchten rijpen al vrij vroeg, omstreeks eind juli. Ze rijpen derhalve vroeger dan op veel andere plaatsen op internet wordt aangegeven. De vruchten zijn middelgroot tot groot, gemiddeld circa 200 gram per stuk (met uitschieter tot zo'n 300 gram) en hebben een gele basiskleur met een grote rode blos. Ze lijken qua uiterlijk veel op de die van het (wereld)beroemde ras 'Red Haven'. Het lichtgeel gekleurde vruchtvlees is goed van smaak (zoet met matig sterk aroma) en kan soms iets aan de steen hechten. De schil is vrij dik maar smaakt niet bitter. In veel vruchten heeft de steen de neiging om te splijten, met beschimmeling van de kern tot gevolg. Meestal blijft het omringende vruchtvlees dan echter bruikbaar. De goede smaak wordt alleen bereikt indien de vruchten helemaal rijp zijn (dat wil zeggen: vruchtvlees zacht tot op de pit); in half-rijpe toestand is de smaak slechts matig.
De vruchten zijn met name geschikt voor verse consumptie. Alhoewel het bij 'Avalon Pride' gaat om een geelvlezige perzik, is het vruchtvlees niet zo stevig als bij veel andere (commerciële) geelvlezige perziken; daarom verwachten we dat de vruchten niet zo geschikt zullen zijn voor langere bewaring of transport.

De boom groeit krachtig met opvallend grote bladeren en een opgerichte groeiwijze. Hierdoor maakt de boom een erg robuuste indruk. De bladeren hebben geen bladklieren aan de basis.

Inmiddels is ons gebleken dat de boom van 'Avalon Pride' na de winter in de éénjarige scheuten afgestorven scheuttoppen en vlekken kunnen vertonen. Aanvankelijk meenden we dat dit het resultaat was van strenge wintervorst (na de strenge winters van 2012 en 2013). Echter, ook na de extreem zachte winter van 2014 doet dit verschijnsel zich voor, zodat een grotere vatbaarheid voor wintervorst kennelijk toch niet de oorzaak is. Ook op andere plaatsen hebben we dit verschijnsel bij 'Avalon Pride' waargenomen. Wat de oorzaak precies is, is ons tot nu toe niet bekend. Het lijkt er in ieder geval op dat dit een (negatief) kenmerk is van dit ras, want dit verschijnsel doet zich bij onze andere perzikbomen niet voor.

Volgens Amerikaanse en Engelse proefgegevens wordt het ras niet (of slechts zeer licht) door de krulziekte aangetast. Sinds de winter van 2008 / 2009 is een boom in FruitLent aanwezig. In het voorjaar van 2009 was op deze boom geen enkele aantasting door krulziekte te bespeuren. En in het voorjaar van 2010 en 2011 was nauwelijks aantasting door krulziekte te bespeuren, waardoor slechts enkele aangetaste blaadjes aanwezig waren. Ook in 2012 en 2013 was de aantasting door de krulziekte vrij gering. In alle genoemde jaren was de boom niet preventief tegen de krulziekte behandeld. Tot en met 2013 leek 'Avalon Pride' de verwachtingen ten aanzien van de krulziekteresistentie dus waar te maken. Echter, in het voorjaar van 2014 liet de resistentie ons voor het eerst een beetje in de steek. De aantasting was in het voorjaar van 2014 nog steeds duidelijk minder heftig dan bij vatbare rassen, doch er was naar onze mening wel een acceptatiedrempel overschreden.

Volgens Amerikaanse gegevens zou 'Avalon Pride' ook resistent zijn tegen bacteriekanker, doch dit is naar onze mening niet juist.

Onze conclusie: doordat de krulziekteresistentie onder Nederlandse omstandigheden in de meeste gevallen ruimschoots toereikend is en ook de smaak van de vruchten voldoende is, lijkt 'Avalon Pride' in beginsel een waardevol ras voor particuliere tuinen. Het ras heeft echter wel een paar serieuze aandachtspunten die je op de koop moet toenemen.

Van 'Avalon Pride' is sinds het winterseizoen 2008 / 2009 een boom in FruitLent aanwezig; deze is vervolgens in de zomer van 2009 uitgeplant op de definitieve plaats, ter vervanging van de gerooide boom van 'Revita'. De boom is geënt op onderstam 'St. Julien A' en droeg in 2010 voor het eerst vruchten.
In het voorjaar van 2016 is de boom van 'Avalon Pride' gaan kwijnen, waarschijnlijk als gevolg van in februari 2016 opgelopen vorstschade (na een zeer zachte winter, waardoor de knoppen in januari al in werking waren). Vervolgens is de boom in de loop van de zomer van 2016 dood gegaan, waardoor 'Avalon Pride' nu niet meer in de collectie van FruitLent aanwezig is. De vrij gekomen plaats is inmiddels ingenomen een boom van de Nectaplum ® 'Spice Zee'.

bloesem van 'Avalon Pride'   rijpende vruchten van 'Avalon Pride'   vruchten van 'Avalon Pride'    
vruchten van 'Avalon Pride'   vruchten van 'Avalon Pride'   geoogste vrucht van 'Avalon Pride'    
rijpende vruchten van 'Avalon Pride'   rijpende vruchten van 'Avalon Pride'   rijpende vruchten van 'Avalon Pride'   rijpende vruchten van 'Avalon Pride'
rijpende vruchten van 'Avalon Pride'   rijpende vruchten van 'Avalon Pride'   vruchtvlees van 'Avalon Pride'    
Benedicte

Ook bekend als 'Meydicte'.

Dit is een nieuw ras uit Frankrijk, welke omstreeks 1988 door de heer M. Meynaud (Noves, Bouches du Rhône) werd gevonden als een toevalszaailing. Omstreeks 1995 geïntroduceerd.

Geeft grote tot zeer grote fraaie vruchten (250-300 gram) met een mooie rode blos en relatief lichte beharing. Rijpt vanaf eind augustus tot in de eerste helft van september. Het wit gekleurde vruchtvlees kan in volledig rijpe toestand rood geaderd zijn. De steen hecht licht aan het vruchtvlees. De smaak van volledig aan de boom uitgerijpte vruchten is werkelijk formidabel te noemen. Deze kwaliteit treft u in de winkel niet aan !

De boom groeit sterk en bloeit in het voorjaar vroeg met kleine tamelijk onopvallende donkerroze bloesems, die dus weinig sierwaarde hebben. Goede vruchtbaarheid. In geval van overvloedige vruchtzetting is zeer ruime vruchtdunning noodzakelijk.

Op diverse plaatsen op internet is te lezen dat 'Benedicte' een goede resistentie zou hebben tegen de krulziekte. Dit is gebaseerd op een beproeving die plaatsvond op het Obstbauversuchsgelände Stutel der Bayerischen Landesanstalt für Weinbau und Gartenbau Würzburg / Veitshöchheim (Duitsland). In deze proef werd vanaf het derde jaar na het planten de vatbaarheid voor krulziekte van diverse perziken- en nectarinerassen beoordeeld. Hierbij kwam naar voren dat het ras 'Revita' (ook aanwezig geweest in FruitLent) van alle aangeplante rassen het minst vatbaar was en dat 'Benedicte' het op één na het minst vatbare ras was.
Ook in FruitLent hebben we de ervaring dat 'Benedicte' inderdaad vatbaarder is voor de krulziekte dan 'Revita'. Vanuit de ervaringen in FruitLent weten we inmiddels ook dat indien bespuitingen tegen de krulziekte achterwege blijven, de bomen van 'Benedicte' toch behoorlijk kunnen worden aangetast. Wij vinden de resistentie tegen de krulziekte, zoals deze in het Duitse onderzoek werd geclaimd, derhalve nogal tegenvallen. Om deze reden hebben wij besloten om onze boom van 'Benedicte' wel jaarlijks preventief tegen de krulziekte te behandelen. Eén behandeling op het juiste moment blijkt echter nagenoeg 100% bestrijding te geven.

Onze conclusie ten aanzien van de krulziekteresistentie van 'Benedicte':
- onder bepaalde buitenlandse omstandigheden is de resistentie kennelijk voldoende;
- in Nederland zijn de omstandigheden voor krulziekte gunstiger, waardoor de resistentie ontoereikend is;
- door de deelresistentie kan de boom wel toe met één preventieve behandeling op het juiste moment.

De bloemknoppen van 'Benedicte' hebben een goede winterhardheid. De winterhardheid van de bloemknoppen zegt uiteraard niets over de gevoeligheid voor late voorjaarsvorst tijdens de bloei. Omdat 'Benedicte' bij ons iets vroeger bloeit dan van sommige andere perzikrassen, is de gevoeligheid voor late voorjaarsvorst misschien zelfs wel iets groter.

De boom in FruitLent is geënt op de onderstam 'Pumiselect' ® en in het najaar van 2005 geplant. De boom was al in 2007 in productie.

bloesems van 'Benedicte'   vruchten van 'Benedicte'   geoogste vrucht van 'Benedicte'    
vruchten van 'Benedicte'   vruchten van 'Benedicte'   binnenzijde vruchten van 'Benedicte'    
volle vruchtdracht van perzik 'Benedicte'   volle vruchtdracht van perzik 'Benedicte'   volle vruchtdracht van perzik 'Benedicte'    
vruchten van 'Benedicte'   vruchten van 'Benedicte'   vruchten van 'Benedicte'   geoogste vruchten van 'Benedicte'
Fertile de Septembre (RGF)

Dit is een ras van onbekende oorsprong. Wordt als lokaal zaadvast ras in de omgeving van Sombreffe (Wallonië, België) geteeld. Het ras is via het RGF-programma opnieuw geïntroduceerd.
Lees hier meer over de RGF-rassen.
Mogelijk dat dit ras veel lijkt op andere bekende zaadvaste selecties zoals 'Wassenberger', 'Reine des Vergers' en 'Kernechter vom Vorgebirge' ('Roter Ellerstädter').

'Fertile de Septembre' geeft middelgrote tot zeer grote vruchten met een zeer donkerrode tot bruinrode blos. De vruchten in FruitLent hadden in 2009 een gewicht van maar liefst 300 tot 360 gram, doch indien de boom helemaal vol hangt dan zullen ze ongetwijfeld niet altijd zo groot worden.
De vruchten hebben groenwit vruchtvlees met rondom de steen een rode verkleuring. De steen zit los in het vruchtvlees. De vruchten rijpen in de tweede helft van september. Het vruchtvlees heeft een friszure smaak met een goed aroma. De kwaliteit is mede afhankelijk van de weersomstandigheden in deze tijd van het jaar.

De boom groeit sterk en heeft de neiging wat bossig te groeien en de takken hebben bovendien de neiging om aan de basis kaal te worden, doordat vaak voornamelijk de eindknoppen uitlopen. Geeft tamelijk onopvallende kleine roze bloesems. De boom kan erg vruchtbaar zijn en moet dan goed worden gedund. In FruitLent is echter gebleken dat de winterhardheid van de bloemknoppen van dit ras wat minder is, waardoor het na een strenge winter voor kan komen dat niet alle bloemknoppen uitlopen. Het hout is tot nu toe wel goed winterhard gebleken. Ondanks dat een gedeelte van de bloemknoppen in de winter kan bevriezen, kunnen de overblijvende bloemknoppen nog steeds een volle oogst geven indien deze tijdens de voorjaarsvorsten niet beschadigd raken.

Volgens de gegevens uit het RGF-programma is dit ras weinig tot gemiddeld vatbaar voor de krulziekte en weinig vatbaar voor monilia. Vanuit de ervaringen in FruitLent weten we inmiddels dat indien bespuitingen tegen de krulziekte achterwege blijven, de bomen van 'Fertile de Septembre' toch behoorlijk kunnen worden aangetast. Wij vinden derhalde dat resistentie tegen de krulziekte nogal tegen valt.

De boom in FruitLent is geënt op de onderstam 'St. Julien A' en in oktober 2005 geplant. De boom droeg in 2007 voor het eerst enkele vruchten. In de nazomer van 2011 is de boom van 'Fertile de Septembre' uit de collectie van FruitLent verwijderd, om plaats te maken voor de 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'.
De redenen van het verwijderen uit de collectie zijn:
- we vinden het ras te ouderwets, met een kwaliteit die weliswaar wel redelijk tot goed is, doch niet uitmuntend;
- de resistentie tegen krulziekte is naar onze mening ontoereikend;
- de mindere winterhardheid van de bloemknoppen;
- de (bruinrode) kleur van de vruchten is niet voldoende mooi;
- de minder fraaie groeikenmerken van de boom.

bloesem van 'Fertile de Septembre'   vruchten van 'Fertile de Septembre'   rijpe vruchten van 'Fertile de Septembre'    
geoogste vruchten van 'Fertile de Septembre'   vruchten van 'Fertile de Septembre'   vruchten van 'Fertile de Septembre'    
Fruteria ®

Dit ras wordt onder de Duitse merknaam 'Fruteria' ® met ingang van 2010 aangeboden via de Duitse ARTUS-Group te Karlsruhe (ARTUS-Group is nadien door een fusie met GEVO opgegaan in Artevos GmbH). Het is vooralsnog onbekend wat de verdere herkomstgegevens van dit ras zijn. Niet uitgesloten moet worden dat het een ouder ras is dat elders al onder een andere naam bekend is / was. Nadere informatie over de werkelijke rasnaam en de exacte herkomst van 'Fruteria' ® is welkom (e-mail).

Volgens andere bronnen op internet zouden de vruchten van 'Fruteria' ® al vanaf eind juli / begin augustus afrijpen. Dit stemt echter niet overeen met de ervaringen in FruitLent, waaruit blijkt dat de vruchten onder Nederlandse omstandigheden rijpen rond medio augustus.

De vruchten worden circa 200 gram zwaar en hebben een groene ondergrond met een rode dekkleur en groenwit vruchtvlees, waarvan de steen gemakkelijk los laat. Het vruchtvlees is rondom de steen nauwelijks rood verkleurd. Het vruchtvlees is erg sappig, vrij zacht, niet draderig en heeft een goede friszure smaak met een goed perzikaroma. De schil heeft een matige dikte.
Van de smaak wordt wel beweerd dat deze zou herinneren aan die van het oude ras 'Roter Ellerstädter'. Wij hebben de smaak niet direct met dit oude ras kunnen vergelijken, doch wij hebben de indruk dat de vruchten qua exterieur inderdaad lijken op die van de groep met oude zaadvaste rassen (zoals 'Roter Ellerstädter', 'Wassenberger' en 'Fertile de Septembre'). Qua interieur van de vruchten zullen er derhalve vast ook de nodige overeenkomsten zijn. Alhoewel de vruchten van 'Fruteria' ® daarmee dus iets "primitiever" zijn dan van de moderne rassen, is de kwaliteit toch voldoende tot goed en is het ras voor particuliere tuinen interessant vanwege de krulziekteresistentie (zie onder).

De bomen hebben een middelsterke groeikracht en zouden volgens de overige bronnen op internet niet aangetast worden door de krulziekte. De opbrengst is gemiddeld tot hoog. De bloeitijd is middenvroeg en de boom bloeit met fraaie grote lichtroze bloesems die een hoge sierwaarde hebben.

Ten aanzien van de geclaimde krulziekteresistentie het volgende: wij hebben de boom vanaf de nazomer van 2011 in onze collectie en we hebben geen najaars- of voorjaarsbespuitingen tegen de krulziekte uitgevoerd, zodat we er zeker van zijn dat de natuur (lees: de krulziekte) gewoon z'n werk heeft kunnen doen. Onze nog jonge boom had in het voorjaar van 2012 geen enkele aantasting door de krulziekte, terwijl de omstandigheden voor aantasting door de krulziekte op dat moment erg gunstig waren. Ook in het voorjaar van 2013 was er vrijwel geen aantasting door de krulziekte. En in het voorjaar van 2014 en 2015 was er in het geheel geen aantasting door de krulziekte. Dit zijn dus hoopgevende resultaten !

In de collectie van FruitLent is sinds de nazomer van 2011 een boom van 'Fruteria' ® aanwezig. Deze is in november 2011 als containerboom op de definitieve plaats uitgeplant. De boom is geënt, waarschijnlijk op 'perzikzaailing'. De eerste vruchten zijn in 2013 geoogst.
In het voorjaar van 2016 is de boom van 'Fruteria' ® gaan kwijnen, waarschijnlijk als gevolg van in februari 2016 opgelopen vorstschade (na een zeer zachte winter, waardoor de knoppen in januari al in werking waren). Vervolgens is de boom in de loop van de zomer van 2016 dood gegaan, waardoor 'Fruteria' ® nu niet meer in de collectie van FruitLent aanwezig is. De vrij gekomen plaats is ingenomen door de Pluot ® 'Flavor Queen'.

bloesem van perzik 'Fruteria' ®   vrucht van perzik 'Fruteria' ®   vrucht van perzik 'Fruteria' ®    
perzik 'Fruteria' ®   vruchten van perzik 'Fruteria' ®   vruchtvlees van perzik 'Fruteria' ®    
Poysdorfer Weingartenpfirsich

Dit is een selectie van een bloedperzik (ook wel wijnperzik of wijnbergperzik genoemd), welke door Robert Schreiber van Obstbaumschule Schreiber in Poysdorf (Oostenrijk) werd geselecteerd uit zaailingen van circa 2.000 stenen van verschillende locale bloedperziken. De selectie droeg in 1996 voor het eerst vruchten en werd daarna in 2000 geïntroduceerd.

Bloedperziken (ofwel wijnperziken of wijnbergperziken) zijn perziken met rood gekleurd vruchtvlees. Het vruchtvlees is in feite wit van kleur met sterke rode verkleuring als gevolg van de aanwezigheid van anthocyaan. Er was lange tijd weinig belangstelling voor dergelijke roodvlezige perziken, waardoor er weinig is gedaan aan de verbetering van het rassenassortiment. Het gaat daarom vaak om oude locale variëteiten waarvan de vruchten zelden op de markt komen. Veel van deze oude variëteiten hebben relatief kleine en sterk behaarde vruchten die door deze sterke beharing een grijs uiterlijk hebben. Deze oude variëtieten rijpen laat in het seizoen en worden in de teeltgebieden soms verkocht op weekmarkten of rechtstreeks vanaf de teler.

Doordat de 'Poysdorfer Weingartenpfirsich' door gericht selectiewerk is ontstaan, stijgt deze qua niveau uit boven de diverse oude locale variëteiten bloedperziken. De 'Poysdorfer Weingartenpfirsich' heeft de voor bloedperziken karakteristieke wildperziksmaak en rijpt in Nederland in de tweede helft van september, derhalve eveneens laat in het seizoen.
De vruchten worden groot tot zeer groot (tot ruim 300 gram) en kunnen een goede smaak bereiken, al is de smaak in deze tijd van het jaar mede afhankelijk van de weersomstandigheden. Indien de weersomstandigheden in de steek laten, zullen de vruchten te zuur blijven.
De schil van de vrucht is groen-rood van kleur en is voor een bloedperzik slechts weinig behaard, doch wel behoorlijk dik. Aan het vruchtvlees is duidelijk zichtbaar dat dit een witte basis heeft, met daar doorheen rode verkleuringen als gevolg van anthocyaan (zie twee van de onderstaande foto's). De rode verkleuring neemt toe naarmate de vrucht rijper is. Indien de weersomstandigheden in de steek laten, blijft de verkleuring van het vruchtvlees beperkt tot rondom de pit.

De boom groeit middelsterk en zou volgens de buitenlandse beschrijving redelijk goed bestand zijn tegen de krulziekte, meeldauw en late nachtvorsten. De boom bloeit met kleine onopvallende (zeg maar gerust: onooglijke) bloesems.

Aan de hand van onze ervaringen in het voorjaar van 2012 en 2013 moeten we helaas vast stellen dat de geclaimde resistentie tegen de krulziekte onder Nederlandse omstandigheden tegen valt. Naar onze mening is deze niet toereikend om onder Nederlandse omstandigheden te kunnen spreken van voldoende resistentie. Eén behandeling op het juiste moment blijkt echter nagenoeg 100% bestrijding te geven.

De boom in FruitLent is geënt op onderstam 'St. Julien A' en is sinds het voorjaar van 2011 in FruitLent aanwezig. Deze is als containerboom in de nazomer van 2011 op de definitieve plek uitgeplant. De boom heeft in 2014 voor het eerst vruchten gedragen. De twee onderste foto's zijn niet in FruitLent gemaakt, maar in een andere hobbytuin hier in de regio.
In het voorjaar van 2016 is de boom van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich' gaan kwijnen, waarschijnlijk als gevolg van in februari 2016 opgelopen vorstschade (na een zeer zachte winter, waardoor de knoppen in januari al in werking waren). Vervolgens is de boom in de loop van de zomer van 2016 dood gegaan, waardoor 'Poysdorfer Weingartenpfirsich' nu niet meer in de collectie van FruitLent aanwezig is. De vrij gekomen plaats is ingenomen door de cherrycot 'Aprikyra' ®.

onooglijke bloesem van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'   rijpende vruchten van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'      
rijpende vruchten van van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'   rijpende vruchten van van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'      
geoogste vruchten van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'   geoogste vruchten van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'      
geoogste vrucht van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'   geoogste vrucht van 'Poysdorfer Weingartenpfirsich'      
Revita

Dit nieuwe ras is afkomstig uit Baden (Duitsland) en is onder licentie in de handel (houder: Werner Grafmüller uit Lahr). Omstreeks 1993-1997 geïntroduceerd.

De middelgrote vruchten hebben een fraaie rode blos en rijpen al in de eerste helft van juli (dit is derhalve aanmerkelijk vroeger dan in de verkoopdocumentatie van de diverse buitenlandse leveranciers wordt aangegeven). Het groenwit gekleurde vruchtvlees is zeer sappig en erg zoet, doch rondom de schil of de pit kan sprake zijn van een wrange smaak. De steen zit vast in het vruchtvlees.

In FruitLent is gebleken dat 'Revita' gevoelig is voor gespleten pitten. De vruchten met een gespleten pit groeien niet volwaardig uit en vallen meteen van de boom zodra ze beginnen te rijpen. De vruchten zonder gespleten pit zijn wel volwaardig volgroeid. De vruchten worden niet heel erg groot; het gemiddeld vruchtgewicht van de volwaardig uitgegroeide vruchten bedraagt ongeveer 95 gram; ze zijn daarmee ongeveer even groot als de perziken die in de supermarkt met z'n tienen in een doorzichtig kunststof bakje worden verkocht.

In FruitLent is ook gebleken dat de vruchten uitermate kwetsbaar zijn en al heel snel na de oogst lelijk worden doordat ze bruine drukplekken in het vruchtvlees gaan vertonen. Deze bruine drukplekken treden zelfs op indien de vruchten tijdens en na de oogst met de grootst mogelijke zorgvuldigheid worden behandeld. Door deze kwetsbaarheid en door de gevoeligheid voor gespeten pitten, heeft 'Revita' naar onze mening geen commerciële waarde.

De bomen hebben een sterke groeikracht met een opgerichte groeiwijze. De boom geeft prachtige grote lichtroze bloesems, waardoor de boom tijdens de bloei een hoge sierwaarde heeft. De bladknoppen die in het voorjaar uitlopen zien er wat donkerder uit dan bij andere rassen. Later in het seizoen is er geen verschil in bladkleur. 'Revita' heeft een goede productiviteit.

Uit een beproeving in Duitsland (op het Obstbauversuchsgelände Stutel der Bayerischen Landesanstalt für Weinbau und Gartenbau Würzburg / Veitshöchheim), waarbij vanaf het derde jaar na het planten de vatbaarheid voor krulziekte van diverse perziken- en nectarinerassen werd beoordeeld, kwam naar voren dat 'Revita' van alle geteste rassen de geringste vatbaarheid had. Het ras 'Benedicte' werd in deze proef beoordeeld als het op één na minst vatbaar. Ook volgens de ervaringen in FruitLent blijkt dat 'Revita' inderdaad minder vatbaar is dan 'Benedicte'.

In het voorjaar van 2009 bleek dat veel bloemknoppen gedurende de strenge wintervorst in januari 2009 waren bevroren, waardoor deze bloemknoppen niet meer wilden uitlopen. We kunnen derhalve vaststellen dat de winterhardheid van de bloemknoppen van dit ras onder bepaalde omstandigheden wat minder is. De wintervorstgevoeligheid van de bloemknoppen zegt uiteraard niets over de gevoeligheid voor late voorjaarsvorst tijdens de bloeiperiode. Daarom was er ondanks het bevriezen van veel bloemknoppen door het uitblijven van late nachtvorst in 2009 toch nog sprake van een volle oogst !

In FruitLent is in het voorjaar van 2006 een boom van 'Revita' geplant, geënt op de onderstam 'Pumiselect' ®. Alhoewel de boom al in 2007 enkele vruchten droeg, kwam de boom pas met ingang van 2009 goed in productie.

Ondanks de geringere vatbaarheid voor krulziekte en de zeer fraaie bloesems, is de boom in de zomer van 2009 uit de collectie van FruitLent verwijderd vanwege de samenloop van de bovengenoemde negatieve eigenschappen, namelijk:
- de gevoeligheid voor gespleten pitten, en:
- de vast zittende steen, en:
- de zeer grote kwetsbaarheid, en:
- de wrange bijsmaak nabij de steen / schil, en:
- de wat kleinere vruchten.
Enkele negatieve eigenschappen zouden voor ons uiteraard geen reden zijn om een ras uit de collectie te verwijderen. Rassen met louter positieve eigenschappen bestaan immers bij geen enkel gewas. In het geval van 'Revita' vonden we de samenloop van de verschillende negatieve eigenschappen toch wat te veel van het goede, bovendien hadden we inmiddels plantmateriaal van de perzik 'Avalon Pride' bemachtigd, een veelbelovend nieuw ras die de plaats van 'Revita kon innemen.

bloesems van 'Revita'   vruchten van 'Revita'        
vruchten van 'Revita'   vruchten van 'Revita'   geoogste vruchten van 'Revita'    

Dwergperziken:

Bonanza

'Bonanza' is een dwergperzik, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

Het ras is omstreeks 1963 geïntroduceerd door David L. Armstrong van Armstrong Nurseries Inc. in Ontario (Californië, USA), waarbij hij gebruik had gemaakt van een kruising met de 'Flory Peach'. Dit laatste ras was ontstaan door het uitzaaien van een pit van een dwergboompje dat in 1939 in het noorden van China bij een Chinese familie in de tuin was gevonden. De dwergeigenschap bleek te berusten op één reccesief gen, zodat het relatief eenvoudig mogelijk bleek om het dwergkenmerk in te kruisen in andere rassen.

'Bonanza' is binnen de groep van dwergperziken een redelijk bekend ras geworden en wordt wereldwijd verkocht als dwergperzik voor hobbytuinders. Ook is het ras gebruikt als kruisingsouder bij de ontwikkeling van weer nieuwere dwergperzikrassen.

'Bonanza' bloeit in het voorjaar met fraaie lichtroze enkele tot half-dubbele bloesems. Aangezien de boompjes zeer uitbundig bloeien en de gezette vruchtjes door de korte internodiën vervolgens erg dicht op elkaar zitten, is in geval van goede vruchtzetting een zeer ruime vruchtdunning strikt noodzakelijk. Indien een goede vruchtdunning heeft plaatsgevonden, kunnen de overgebleven vruchtjes vervolgens uitgroeien tot middelgrote tot grote vruchten (circa 135 gram) die begin augustus rijp worden.
De vruchten zijn geel van kleur met slechts een beperkte rode blos op de plaats waar ze aan de zon zijn blootgesteld. De schil is vrij dik en behoorlijk behaard. Het vruchtvlees is zacht van structuur, geel van kleur, heeft een los liggende steen, waarbij het vruchtvlees rondom de steen niet rood is verkleurd. Het sappige vruchtvlees heeft naar onze mening een matige smaak: matige zoetheid, waardoor de zuurheid overheerst, met een matig perzikaroma. Door het zachte vruchtvlees zijn de vruchten niet zo geschikt voor transport en bewaring.

'Bonanza' is vatbaar voor de krulziekte en moet derhalve hiervoor bespoten worden. Aangezien de boom nooit een grote omvang zal krijgen, is dit echter eenvoudig te realiseren.

Eén boompje van 'Bonanza' is sinds januari 2014 in FruitLent aanwezig en werd op 27 februari 2016 op de definitieve plek in het siertuingedeelte van FruitLent uitgeplant, in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m). Het boompje is geënt op op onbekende onderstam. De eerste vruchten werden al in 2015 geoogst.

vruchten van dwergperzik 'Bonanza' vruchten van dwergperzik 'Bonanza'  
bloesems van dwergperzik 'Bonanza' vrucht van dwergperzik 'Bonanza'  
Bonfire (Crimson ®) - roodbladig

'Bonfire' is een dwergperzik, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

'Bonfire' is ontstaan aan het Horticulture Department van de University of Arkansas (USA) uit een open bestoven zaailing van het Japanse onderstamras 'Tsukuba #2'. De zaailing werd in 1988 geselecteerd en had aanvankelijk de aanduiding 'Ark. 84186-T-3'. In 1993 vond de introductie plaats, waarbij de naam 'Tom Thumb' werd gebruikt. Het ras wordt echter onder de naam 'Bonfire' verhandeld. Het ras wordt ook wel onder de Franse merknaam ‘Crimson ®’ verhandeld.

Het bijzondere van 'Bonfire' is het feit dat de bladeren vanaf het moment van uitlopen tot in de zomer een prachtige dieprode kleur hebben. Gecombineerd met de compacte kroon hebben de boompjes van 'Bonfire' dus een uitzonderlijk hoge sierwaarde. Daarnaast bloeit het boompje in het voorjaar rijkelijk met fraaie kleine tot middelgrote enkele lichtroze bloesems, die iets donkerder verkleuren naarmate ze langer open staan. De bloesems zijn lichter van kleur dan de bloesems 'Pink Peachy'.
De fraaie rode kleur van de bladeren vervaagt vanaf de nazomer langzamerhand, waardoor de bladeren tegen het einde van het seizoen meer donkergroen-paars van kleur zijn.

Ondanks dat de boompjes van 'Bonfire' dus wel vruchten dragen, staat de sierwaarde voorop vanwege de fraaie rood gekleurde bladeren. De vruchten van 'Bonfire' zijn vrij klein tot middelgroot (tot 80 gram) en hebben groenwit gekleurd vruchtvlees met een wat zurige smaak. Het vruchtvlees is rondom de steen rood verkleurd, waarbij de steen vrij gemakkelijk uit het vruchtvlees los laat. Net als de bladeren, heeft ook de vruchthuid paars gekleurd pigment. Daardoor hebben de vruchten een paarsrode blos, die aan de schaduwzijde bovendien nadrukkelijk gevlekt is. Het oppervlak van de vruchten is enigszins bobbelig. De vruchten rijpen omstreeks medio september.

'Bonfire' is resistent tegen bacterievlekkenziekte (Xanthomonas pruni) en vatbaar voor de krulziekte. Aangezien het boompje nooit een grote omvang zal krijgen, zijn bespuitingen tegen de krulziekte echter eenvoudig te realiseren.

Het boompje staat sinds het najaar van 2008 in het siertuingedeelte van FruitLent en droeg in 2010 z'n eerste vruchtje. Het boompje is geënt op de zwakker groeiende onderstam 'Pumiselect' ®.
In verband met een grondige verbouwing van het siertuingedeelte, heeft het boompje gedurende 2015 op een tijdelijke plek gestaan. Op 27 februari 2016 is het boompje echter opnieuw in het siertuingedeelte uitgeplant, in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m).

bloesems van dwergperzik 'Bonfire' bloesems van dwergperzik 'Bonfire' vrucht van dwergperzik 'Bonfire'
boompje van dwergperzik 'Bonfire' bladeren van dwergperzik 'Bonfire' boompje met vruchten van dwergperzik 'Bonfire'
uitlopende rode bladeren van dwergperzik 'Bonfire' vrucht van dwergperzik 'Bonfire'  
vrucht van dwergperzik 'Bonfire' geoogste vruchten van dwergperzik 'Bonfire'  
Necta Zee (Rubis ®) - nectarine

'Necta Zee' is een dwergnectarine, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

'Necta Zee' is ontwikkeld door het veredelingsbedrijf Zaiger's Genetics in Modesto (Californië). Het ras werd geselecteerd uit een tweede generatie zaailingen van de kruising tussen de nectarine ‘Early Sun Grand’ en een dwergnectarine van onbekende herkomst. In de tweede generatie zaailingen bevonden zich circa 25% exemplaren met dwerggroei. Eén van deze dwergexemplaren met de aanvankelijke kwekersaanduiding '354 93N' werd geselecteerd vanwege de kwaliteit van de vruchten en deze werd aan het einde van de jaren '80 in de Verenigde Staten geïntroduceerd onder de naam 'Necta Zee' en kwam medio jaren '90 naar Europa. Dit ras wordt ook wel onder de Franse merknaam ‘Rubis ®’ verhandeld.

Doordat dit ras door doelgerichte kruising en selectie tot stand is gekomen, stijgt deze qua vruchtkwaliteit uit boven veel oudere dwergrassen die met name voor de sier zijn bedoeld.

Het boompje bloeit in het voorjaar met fraaie middelgrote lichtroze enkele bloesems. Aangezien de boompjes zeer uitbundig bloeien en de gezette vruchtjes door de korte internodiën vervolgens erg dicht op elkaar zitten, is in geval van goede vruchtzetting een zeer ruime vruchtdunning strikt noodzakelijk. Indien een goede vruchtdunning heeft plaatsgevonden, kunnen de overgebleven vruchtjes vervolgens uitgroeien tot behoorlijk grote vruchten van gemiddeld zo'n 100 tot 110 gram zwaar (maximaal 145 gram). Ze hebben een donkergele gladde vruchthuid met een grote oranjerode tot vuurrode blos. Vanwege deze gladde vruchthuid noemen we dit ras dus een nectarine. De vruchten rijpen in Nederland al vrij vroeg: omstreeks eind juli / begin augustus. Het stevige geel gekleurde vlees is sappig en heeft een goede eetkwaliteit: zoet met een zwak perzikaroma en een licht bittere bijsmaak. De steen hecht aan het vruchtvlees. De geschiktheid van de vruchten voor bewaring en transport is voldoende tot goed.

‘Necta Zee’ heeft een middelsterke groeikracht met gespreide groeiwijze. 'Necta Zee' is vatbaar voor de krulziekte en moet derhalve hiervoor bespoten worden. Aangezien de boom nooit een grote omvang zal krijgen, is dit echter eenvoudig te realiseren.

Door Dave Wilson Nursery, die in de Verenigde Staten de producten van Zaiger's Genetics vermeerdert, werd een nogal Amerikaans aandoend YouTube-filmpje over dit ras gepubliceerd.

Eén boompje van 'Necta Zee' is sinds de winter van 2010-2011 in FruitLent aanwezig. Het boompje is geënt op 'perzikzaailing'. Het boompje is aanvankelijk als containerboom opgekweekt en is in januari 2012 in het siertuingedeelte van FruitLent geplant. Het boomje droeg daar in de zomer van 2012 voor het eerst vruchten.
In verband met een grondige verbouwing van het siertuingedeelte, heeft het boompje gedurende 2015 op een tijdelijke plek gestaan. Op 27 februari 2016 is het boompje echter opnieuw in het siertuingedeelte uitgeplant, in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m).

bloesems van dwergnectarine 'Necta Zee' bloesems van dwergnectarine 'Necta Zee' vruchten van dwergnectarine 'Necta Zee'  
bloesems van dwergnectarine 'Necta Zee' vruchten van dwergnectarine 'Necta Zee' vruchten van dwergnectarine 'Necta Zee'  
vruchten van dwergnectarine 'Necta Zee' vruchten van dwergnectarine 'Necta Zee' vrucht van dwergnectarine 'Necta Zee'  
geoogste vruchten van dwergnectarine 'Necta Zee' geoogste vruchten van dwergnectarine 'Necta Zee'    
Pink Peachy

'Pink Peachy' is een dwergperzik, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

Over de herkomst van het ras 'Pink Peachy' is ons niets bekend; niet moet worden uitgesloten dat het een fantasienaam betreft waarmee deze dwergperzik wordt verkocht aan hobbytuinders.

'Pink Peachy' bloeit in het voorjaar iets vroeger dan 'Red Peachy' en 'White Peachy' met zeer fraaie grote enkele roze bloesems. Aangezien de boompjes zeer uitbundig bloeien en de gezette vruchtjes door de korte internodiën vervolgens erg dicht op elkaar zitten, is in geval van goede vruchtzetting een zeer ruime vruchtdunning strikt noodzakelijk. Indien een goede vruchtdunning heeft plaatsgevonden, kunnen de overgebleven vruchtjes vervolgens uitgroeien tot middelgrote vruchten van gemiddeld zo'n 80 gram zwaar die omstreeks medio augustus afrijpen. De vruchten hebben geel gekleurd vruchtvlees en zien er met hun rode blos aantrekkelijk uit. Het vruchtvlees is rondom de steen rood verkleurd en de steen laat gemakkelijk los. De eetkwaliteit is redelijk, waarbij ze niet overrijp moeten worden aangezien ze dan melig worden. Van de serie 'Pink Peachy', 'Red Peachy' en 'White Peachy' heeft deze de beste consumptiekwaliteit (al is deze kwaliteit dus wel iets minder dan van de goede rassen van de gewone perziken).

'Pink Peachy' is vatbaar voor de krulziekte en moet derhalve hiervoor bespoten worden. Aangezien de boom nooit een grote omvang zal krijgen, is dit echter eenvoudig te realiseren. De boompjes hebben een opgerichte groeiwijze.

Het boompje is waarschijnlijk geënt op de onderstam 'St. Julien A' en staat sinds het voorjaar van 2007 in het siertuingedeelte van FruitLent en is daar in een sierlijke compositie met 'Red Peachy' en 'White Peachy' aangeplant. Het boompje droeg al in 2007 voor het eerst vruchten.
In verband met een grondige verbouwing van het siertuingedeelte, heeft het boompje gedurende 2015 op een tijdelijke plek gestaan. Op 27 februari 2016 is het boompje echter opnieuw in het siertuingedeelte uitgeplant, dit keer in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m). Waarschijnlijk als gevolg van deze diverse verplantingen is het boompje in de loop van 2016 dood gegaan, waana deze op 24 maart 2017 is vervangen door een jong exemplaar.

bloesems van 'Pink Peachy' drie dwergperziken in de siertuin vruchten van 'Pink Peachy' binnenzijde vruchten van 'Pink Peachy'
fraaie roze bloesems van 'Pink Peachy' bloesems van 'Pink Peachy' vruchten van 'Pink Peachy'  
fraaie roze bloesems van 'Pink Peachy' geoogste vruchten van 'Pink Peachy' geoogste vruchten van 'Pink Peachy'  
Pix Zee (Amber ®)

'Pix Zee' is een dwergperzik, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

'Pix Zee' werd ontwikkeld door het veredelingsbedrijf Zaiger's Genetics in Modesto (Californië). Het ras werd geselecteerd uit een tweede generatie zaailingen van de kruising tussen een dwergnectarine van onbekende herkomst en de perzik ‘Fayette’. Uit deze kruising werd één zaailing geselecteerd. Van deze zaailing werd zaad gewonnen en uit de tweede generatie zaailingen die uit deze zaden groeiden, werd één boompje geselecteerd die opviel door de goede kwaliteit van de vruchten. Deze selectie had aanvankelijk de kwekersaanduiding '343 92P' en werd aan het einde van de jaren '80 in de Verenigde Staten geïntroduceerd onder de naam 'Pix Zee' en kwam medio jaren '90 naar Europa. Dit ras wordt ook wel onder de Franse merknaam ‘Amber ®’ verhandeld.

Doordat dit ras door doelgerichte kruising en selectie tot stand is gekomen, stijgt de vruchtkwaliteit uit boven die van veel oudere dwergrassen die met name voor de sier zijn bedoeld.

Het boompje bloeit in het voorjaar met fraaie grote tot zeer grote enkele roze bloesems. De bloesems lijken veel op die van 'Zaidulab'. Aangezien de boompjes zeer uitbundig bloeien en de gezette vruchtjes door de korte internodiën vervolgens erg dicht op elkaar zitten, is in geval van goede vruchtzetting een zeer ruime vruchtdunning strikt noodzakelijk. Indien een goede vruchtdunning heeft plaatsgevonden, kunnen de overgebleven vruchtjes vervolgens uitgroeien tot grote vruchten van gemiddeld maar liefst zo'n 175 tot 200 gram zwaar. De vruchten rijpen in de tweede helft van augustus (ongeveer gelijk met 'Pink Peachy' en 'Zaipevi'). Het vrij stevige geel tot goudgeel gekleurde vruchtvlees heeft een redelijke smaak (zoet-zuur met een zwak perzikaroma) en kan iets aan de steen hechten. Het vruchtvlees is rondom de steen nauwelijks rood verkleurd. De schil is behoorlijk dik maar smaakt niet bitter. De vruchten zijn redelijk goed bewaarbaar. De geschiktheid voor transport is voldoende tot goed.
Met het bovenomschreven formaat doen de vruchten niet onder voor die van commerciële rassen aan normale bomen. 'Pix Zee' is er dus een voorbeeld van dat vruchten met een normaal groot formaat toch gewoon aan dwergboompjes kunnen groeien. Naast de forse grootte hebben de vruchten ook nog eens een zeer aantrekkelijk uiterlijk, vanwege de mooie ronde vorm, de aantrekkelijke gele grondkleur met de fraaie rode blos, maar ook vanwege het feit dat de vruchten onderling mooi uniform zijn.
Daarmee is 'Pix Zee' zowel qua vruchtgrootte als qua uiterlijk tot op dit moment de meest indrukwekkende dwergperzik binnen de collectie van FruitLent. Ondanks dit indrukwekkende uiterlijk zijn de vruchten helaas slechts redelijk van smaak (derhalve niet uitmuntend).

‘Pix Zee’ heeft een matige tot sterke groeikracht met gespreide groeiwijze. 'Pix Zee' is vatbaar voor de krulziekte en moet derhalve hiervoor bespoten worden. Aangezien de boom nooit een grote omvang zal krijgen, is dit echter eenvoudig te realiseren.

Een boompje van 'Pix Zee' is sinds de winter van 2010-2011 in FruitLent aanwezig. Deze is vervolgens als containerboom opgekweekt en in januari 2012 in het siertuingedeelte van FruitLent geplant. Het boompje is geënt op 'perzikzaailing'. Het boompje droeg in 2013 voor het eerst vruchten.
In verband met een grondige verbouwing van het siertuingedeelte, heeft het boompje gedurende 2015 op een tijdelijke plek gestaan. Op 27 februari 2016 is het boompje echter opnieuw in het siertuingedeelte uitgeplant, in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m).

bloesems van dwergperzik 'Pix Zee' rijpende vruchten van dwergperzik 'Pix Zee' vruchten van dwergperzik 'Pix Zee'  
vrucht van dwergperzik 'Pix Zee' geel vruchtvlees van dwergperzik 'Pix Zee'    
Red Peachy

'Red Peachy' is een dwergperzik, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

Over de herkomst van het ras 'Red Peachy' is ons niets bekend; niet moet worden uitgesloten dat het een fantasienaam betreft waarmee deze dwergperzik wordt verkocht aan hobbytuinders.

'Red Peachy' bloeit in het voorjaar iets later dan 'Pink Peachy' en vrijwel tegelijk met tot een fractie later dan 'White Peachy'. 'Red Peachy' heeft fraaie middelgrote half-dubbele zeer donkerroze bloesems. Aangezien de boompjes zeer uitbundig bloeien en de gezette vruchtjes door de korte internodiën vervolgens erg dicht op elkaar zitten, is in geval van goede vruchtzetting een zeer ruime vruchtdunning strikt noodzakelijk. Indien een goede vruchtdunning heeft plaatsgevonden, kunnen de overgebleven vruchtjes vervolgens uitgroeien tot vruchten van gemiddeld zo'n 45 tot 55 gram. De vruchten blijven derhalve tamelijk klein. Ze rijpen in de eerste helft van september. Veel vruchten hebben aan het uiteinde een puntje (zie één van de onderstaande foto's). De vruchten hebben een nogal onaantrekkelijk uiterlijk, aangezien ze van buiten volledig wit van kleur zijn, derhalve zonder enige gekleurde blos. Ook het vruchtvlees is groenwit van kleur en heeft een steen die niet erg aan het vruchtvlees hecht. De eetkwaliteit is matig tot redelijk. De schil heeft een sterke beharing die tijdens het eten nadrukkelijk opvalt.

'Red Peachy' is vatbaar voor de krulziekte en moet derhalve hiervoor bespoten worden. Aangezien de boom nooit een grote omvang zal krijgen, is dit echter eenvoudig te realiseren. De boompjes hebben een opgerichte groeiwijze.

Het boompje is waarschijnlijk geënt op de onderstam 'St. Julien A' en staat sinds het voorjaar van 2007 in het siertuingedeelte van FruitLent en is daar in een sierlijke compositie met 'Pink Peachy' en 'White Peachy' aangeplant. Het boompje droeg al in 2007 voor het eerst vruchten.
In verband met een grondige verbouwing van het siertuingedeelte, heeft het boompje gedurende 2015 op een tijdelijke plek gestaan. Op 27 februari 2016 is het boompje echter opnieuw in het siertuingedeelte uitgeplant, dit keer in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m).

drie dwergperziken in de siertuin dwergperzik 'Red Peachy' in bloei dwergperzik 'Red Peachy' in bloei geheel witte vruchten van dwergperzik 'Red Peachy'
bloesems van dwergperzik 'Red Peachy' geheel witte vruchten van dwergperzik 'Red Peachy' vruchten van dwergperzik 'Red Peachy'
White Peachy

'White Peachy' is een dwergperzik, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

Over de herkomst van het ras 'White Peachy' is ons niets bekend; niet moet worden uitgesloten dat het een fantasienaam betreft waarmee deze dwergperzik wordt verkocht aan hobbytuinders.

'White Peachy' bloeit in het voorjaar iets later dan 'Pink Peachy' en vrijwel tegelijk met tot een fractie vroeger dan 'Red Peachy'. 'White Peachy' heeft fraaie grote dubbele spierwitte bloesems. Na de vruchtzetting blijkt vaak dat er veel dubbele vruchtjes zijn gezet, omdat in veel bloesems kennelijk twee vruchtbeginsels aanwezig zijn. De vruchtzetting kan overdadig zijn, waardoor er in principe moet worden gedund. Bij het dunnen kunnen dubbele vruchtjes dan worden verwijderd, of kan één van de dubbele vruchtjes voorzichtig worden weggebroken. De vruchten die vervolgens uitgroeien splijten echter vrijwel allemaal open voordat ze eetrijp zijn. Vervolgens vallen deze als gevolg van rotting van de boom. Dit ras heeft derhalve geen fruitteeltkundige waarde, zodat alleen de sierwaarde resteert in verband met de prachtige dubbele witte bloesems. Daarom zou overwogen kunnen worden om alle vruchtjes na de vruchtzetting af te plukken, zodat er later in het seizoen geen sprake is van afvallende rottende vruchten.

De bladkleur van de 'White Peachy' is iets lichter dan van 'Pink Peachy' en 'Red Peachy' en de groeiwijze is ten opzichte van deze twee andere rassen wat meer hangend. Bovendien hebben de takken de neiging om te verkalen.

'White Peachy' is vatbaar voor de krulziekte en moet derhalve hiervoor bespoten worden. Aangezien de boom nooit een grote omvang zal krijgen, is dit echter eenvoudig te realiseren.

Het boompje is waarschijnlijk geënt op de onderstam 'St. Julien A' en staat sinds het voorjaar van 2007 in het siertuingedeelte van FruitLent en is daar in een sierlijke compositie met 'Pink Peachy' en 'Red Peachy' aangeplant. Het boompje droeg al in 2007 voor het eerst vruchten, die door de bovenomschreven oorzaak van de boom vielen voordat ze eetrijp waren.
In verband met een grondige verbouwing van het siertuingedeelte, heeft het boompje gedurende 2015 op een tijdelijke plek gestaan. Vervolgens is besloten is om dit boompje niet te hergebruiken, waardoor we op 27 februari 2016 een nieuw boompje van 'White Peachy' in het siertuingedeelte hebben uitgeplant, dit keer in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m).

drie dwergperziken in de siertuin bloemknoppen van dwergperzik 'White Peachy' dwergperzik 'White Peachy' in bloei  
dwergperzik 'White Peachy' in bloei dwergperzik 'White Peachy' in bloei de vruchten van 'White Peachy' scheuren open voordat ze rijp zijn en gaan dan rotten  
Zaidulab (Nectarella ®) - nectarine

'Zaidulab' is een dwergnectarine, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

Dit ras werd ontwikkeld door het veredelingsbedrijf Zaiger's Genetics in Modesto (Californië) en staat ook bekend onder de fantasienaam 'Balkonella' en onder de Franse merknaam 'Nectarella' ®.

Het feit dat dit ras door doelgerichte kruising en selectie tot stand is gekomen, verklaart waarom de vruchtkwaliteit ver uitstijgt boven die van veel oudere dwergrassen die met name voor de sier zijn bedoeld.

De boompjes geven grote fraaie roze gekleurde enkele bloesems. Aangezien de boompjes zeer uitbundig bloeien en de gezette vruchtjes door de korte internodiën vervolgens erg dicht op elkaar zitten, is in geval van goede vruchtzetting een zeer ruime vruchtdunning strikt noodzakelijk. Indien een goede vruchtdunning heeft plaatsgevonden, kunnen de overgebleven vruchtjes vervolgens uitgroeien tot tamelijk grote vruchten van gemiddeld zo'n 100 gram zwaar. Ze hebben een donkergele gladde vruchthuid met een grote oranjerode tot vuurrode blos. Vanwege deze gladde vruchthuid noemen we dit ras dus een nectarine. De vruchten rijpen vanaf de derde week van augustus (tot in begin september) en vallen in het rijpe stadium niet snel van de boom. Het stevige vruchtvlees is geel van kleur, hecht enigszins aan de steen en is rondom de steen weinig rood verkleurd. Qua smaak behoort 'Zaidulab' binnen de groep van de dwergperziken naar onze mening tot de betere: de smaak is te omschrijven als buitengewoon zoet, met een laag zuurgehalte en een zwak aroma.

'Zaidulab' is vatbaar voor de krulziekte. Aangezien het boompje nooit een grote omvang zal krijgen, zijn bespuitingen tegen de krulziekte echter eenvoudig te realiseren.

Het boompje in FruitLent is geënt op de onderstam 'BSB 1' en is in het voorjaar van 2010 in het siertuingedeelte geplant. Reeds in 2011 bloeide het boomje zeer rijk en het droeg meteen in hetzelfde jaar de eerste vruchten.
In verband met een grondige verbouwing van het siertuingedeelte, heeft het boompje gedurende 2015 op een tijdelijke plek gestaan. Op 27 februari 2016 is het boompje echter opnieuw in het siertuingedeelte uitgeplant, in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m).

boompje van dwergnectarine 'Balkonella' bloesems van dwergnectarine 'Balkonella' bloesems van dwergnectarine 'Balkonella' bloesems van dwergnectarine 'Balkonella'
vruchten van dwergnectarine 'Balkonella' geoogste vruchten van dwergnectarine 'Balkonella' geoogste vruchten van dwergnectarine 'Balkonella'  
Zaipevi (Diamond ®)

'Zaipevi' is een dwergperzik, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

Dit ras werd ontwikkeld door het veredelingsbedrijf Zaiger's Genetics in Modesto (Californië) en was daar aanvankelijk bekend onder het kwekersnummer '344 92 Pb'. Het ras kwam medio jaren '90 naar Europa. Dit ras wordt ook wel onder de Franse merknaam ‘Diamond ®’.

Doordat dit ras door doelgerichte kruising en selectie tot stand is gekomen, stijgt de vruchtkwaliteit ver uit boven die van veel oudere dwergrassen die met name voor de sier zijn bedoeld.

Het boompje bloeit in het voorjaar met fraaie middelgrote lichtroze bloesems. Aangezien de boompjes zeer uitbundig bloeien en de gezette vruchtjes door de korte internodiën vervolgens erg dicht op elkaar zitten, is in geval van goede vruchtzetting een zeer ruime vruchtdunning strikt noodzakelijk. Indien een goede vruchtdunning heeft plaatsgevonden, kunnen de overgebleven vruchtjes vervolgens uitgroeien tot middelgrote vruchten van gemiddeld zo'n 100 gram zwaar. De vruchten hebben een witte basiskleur en verkrijgen een bescheiden rode blos op de plaats waar ze aan de zon zijn blootgesteld. De vruchten rijpen in augustus (ongeveer gelijk met 'Pink Peachy' en 'Pix Zee'). Het vruchtvlees is wit van kleur, waarbij de steen los in het vruchtvlees ligt en rondom de steen nauwelijks rood is verkleurd. Zoals bij de meeste witvlezige perziken is het vruchtvlees wat minder stevig en heeft dit een zeer goede smaak. De schil is niet bijzonder dik, doch wel vrij intensief behaard. Qua smaak behoort 'Zaipevi' binnen de groep van de dwergperziken naar onze mening tot de betere: de smaak is te omschrijven als zoet met een goed perzikaroma.

'Zaipevi' is vatbaar voor de krulziekte en moet derhalve hiervoor bespoten worden. Aangezien de boom nooit een grote omvang zal krijgen, is dit echter eenvoudig te realiseren.

Een boompje van 'Zaipevi' is sinds de winter van 2010-2011 in FruitLent aanwezig. Deze is vervolgens als containerboom opgekweekt en in januari 2012 in het siertuingedeelte van FruitLent geplant. Het boompje is geënt op 'perzikzaailing'. Het boompje droeg in 2013 voor het eerst vruchten.
In verband met een grondige verbouwing van het siertuingedeelte, heeft het boompje gedurende 2015 op een tijdelijke plek gestaan. Op 27 februari 2016 is het boompje echter opnieuw in het siertuingedeelte uitgeplant, in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m).

bloesems van dwergperzik 'Zaipevi' vruchten van dwergperzik 'Zaipevi'  
vruchten van dwergperzik 'Zaipevi' wit vruchtvlees van dwergperzik 'Zaipevi'  
Zaisnow - nectarine

'Zaisnow' is een dwergperzik, waarvan de groei -net als bij de overige dwergperziken- wordt gekenmerkt door zeer korte internodiën (dus een kleine afstand tussen de bladeren).

Dit ras werd ontwikkeld door het veredelingsbedrijf Zaiger's Genetics in Modesto (Californië). Het ras wordt in Europa ook wel verkocht onder de naam 'Snow Baby', waarbij de suggestie wordt gewekt dat het hier zou gaan om een merknaam(®).

Doordat dit ras door doelgerichte kruising en selectie tot stand is gekomen, stijgt de vruchtkwaliteit uit boven die van veel oudere dwergrassen die met name voor de sier zijn bedoeld.

Het boompje bloeit in het voorjaar met middelgrote fraaie lichtroze enkele bloesems. Aangezien de boompjes zeer uitbundig bloeien en de gezette vruchtjes door de korte internodiën vervolgens erg dicht op elkaar zitten, is in geval van goede vruchtzetting een zeer ruime vruchtdunning strikt noodzakelijk. Indien een goede vruchtdunning heeft plaatsgevonden, kunnen de overgebleven vruchtjes vervolgens uitgroeien tot redelijk grote vruchten van gemiddeld zo'n 75 à 80 gram zwaar.

De vruchten hebben een bijna spierwitte gladde vruchthuid; vanwege deze gladde vruchthuid noemen we dit ras dus een nectarine. Op de plaats waar de vruchten aan de zon zijn blootgesteld, kan de huid een kleine rozerode blos vertonen. Het vruchtvlees is wit van kleur, heeft een los liggende steen, met rondom de steen een lichte rode verkleuring. De vruchten hebben een goede friszure smaak, met een middelmatig sterk perzikaroma. De vruchten rijpen later in het seizoen: pas tegen eind augustus.

'Zaisnow' is vatbaar voor de krulziekte. Aangezien het boompje nooit een grote omvang zal krijgen, zijn bespuitingen tegen de krulziekte echter eenvoudig te realiseren.

Eén boompje van 'Zaisnow' is sinds november 2012 in FruitLent aanwezig en werd op 27 februari 2016 op de definitieve plek in het siertuingedeelte van FruitLent uitgeplant, in een compositie met alle andere dwergrassen (in een kruislings plantverband van 0,75 bij 0,47 m). Het boompje is geënt op 'perzikzaailing'. De eerste vruchten werden al in 2013 geoogst.

boompje van dwergnectarine 'Zaisnow' bloesems van dwergnectarine 'Zaisnow'  
geoogste vruchten van dwergnectarine 'Zaisnow' geoogste vruchten van dwergnectarine 'Zaisnow'  
 

 

 

drie dwergperziken in de siertuin