© FruitLent

EXCLUSIEVE VRUCHTENTUIN OP DE RAND VAN DE STAD

   >> HOME      >>VRUCHTGROENTEN
   
       
  AARDBEIEN   © FruitLent
 

 

 

   
 

Naamgeving en herkomst

De geschiedenis van de hedendaagse aardbei begint niet bij de bosaardbei (Fragaria vesca) die in Nederland en de rest van Europa in het wild groeit. Weliswaar werden de kleine aromatische vruchtjes van de bosaardbei in de prehistorie al gegeten en werden de planten al vóór onze jaartelling gecultiveerd. Men slaagde er echter nooit in om de vruchtgrootte van de bosaardbei door selectie op voldoende niveau te krijgen. Ook de inheemse doch zeldzamere Fragaria moschata (grote bosaardbei, muskaataardbei of muskusaardbei) werd soms wel gecultiveerd.

De geschiedenis van de hedendaagse aardbeien begint met de teelt van de scharlaken-aardbei, ofwel in het Engels: "scarlet". De scharlaken-aardbei groeit van origine in open bosgebieden en graslanden van Noord-Amerika, namelijk van de oostkust tot de Rocky mountains en van Nieuw-Mexico tot Alaska. Planten van deze soort werden voor het eerst door Franse emigranten in Canada ontdekt. Deze planten vielen op door de langwerpige kegelvormige vruchten met een goed aroma, die veel groter werden dan de vruchten van de in Europa inheemse bosaardbei. Korte tijd later ontdekten Engelse kolonisten in Virginia een andere vorm van de scharlaken-aardbei, dit keer met kogelronde aromatische vruchten. De gevonden soort werd al spoedig naar Europa gebracht en kreeg de wetenschappelijke naam Fragaria virginiana. In Europa werden door selectie diverse rassen ontwikkeld en al in 1820 waren circa 70 verschillende rassen van de scharlaken-aardbei bekend.

Ook in Zuid-Amerika werd echter een nieuwe aardbeiensoort ontdekt. De Franse marine-ingenieur en amateur-botanicus Amédée-François Frézier (1682-1773), die voor Lodewijk XIV in de havens van Chili en Peru spioneerde, bracht in 1714 enkele planten van de nieuw gevonden soort vanuit Concepción (Chili) naar Frankrijk. Deze soort wordt Chili-aardbei genoemd kreeg de wetenschappelijke naam Fragaria chilioensis. Deze onderscheidde zich van de tot dan toe bekende vormen, onder andere door de vruchtgrootte die voor die tijd werd gezien als enorm. Toen men in Betagne trachtte om deze soort te gaan verbouwen, bleek echter dat deze maar weinig vruchten opleverde. Men ontdekte al snel waardoor dit werd veroorzaakt. De geïmporteerde Chili-aardbei bleek namelijk uitsluitend vrouwelijke bloemen te hebben, dit in tegenstelling tot de scharlaken-aardbei die tweeslachtige bloemen heeft. De Chili-aardbei bleek dus tweehuizig (aparte mannelijke en vrouwelijke planten) en de geïmporteerde planten bleken -puur bij toeval- uitsluitend vrouwelijk. Dit probleem werd opgelost door de Chili-aardbeien in rijen om en om met scharlaken-aardbeien te gaan telen. De tweeslachtige bloemen van de scharlaken-aardbeien bleken in staat om de vrouwelijke bloemen van de Chili-aardbei te bevruchten, zodat deze planten ook een volle oogst gaven. Vanaf 1750 werden vanuit Bretagne aardbeien verscheept naar andere gebieden, zoals Parijs, Londen en Duitsland. Op dat moment waren de vruchten echter nog zodanig kostbaar dat deze alleen voorbehouden waren voor de meest welgestelden. Ook rondom Amsterdam werden aardbeien verbouwd volgens de beschreven Bretonse methode.

In 1760 wordt door een zekere Miller voor het eerst een nieuwe vorm aardbei beschreven die hij “ananasaardbei” noemt. Het blijkt te gaan om een hybride van de Chili-aardbei (Fragaria chiloensis) en de scharlaken-aardbei (Fragaria virginiana). Deze hybride kon door de Bretonse teeltmethode gemakkelijk ontstaan, immers: alle bloemen van de vrouwelijke planten van de Chili-aardbei werden bij de Bretonse methode bestoven door stuifmeel van de scharlaken-aardbei. Zowel de ananasaardbei als de twee oudersoorten zijn octoploïd (2n = 8x = 56). Op het moment dat Miller de ananasaardbei beschreef, wist hij overigens zelf nog niet dat het ging om een hybride-soort. Het was in 1766 de toen nog jonge Fransman Antoine Nicolas Duchesne (1747-1827) die als eerste het mogelijke hybride-karakter opperde. De nieuwe hybride-soort werd voorzien van de wetenschappelijke naam Fragaria ananassa. Het x-teken voor de soortnaam duidt er op dat de soort is ontstaan uit een soortkruising.

Het is onduidelijk waar de eerste Fragaria ananassa is ontstaan. Sommige auteurs noemen Frankrijk als ontstaansplaats, terwijl ook Engeland en zelfs een tuin in de omgeving van Haarlem als mogelijke ontstaansplaatsen worden genoemd. Sommigen opperen ook de mogelijkheid van het onafhankelijk van elkaar ontstaan van de nieuwe hybride-soort op ongeveer hetzelfde tijdstip, doch op verschillende plaatsen. Dit is immers goed mogelijk, omdat de Bretonse teeltwijze op meer plaatsen werd gebruikt. Omtrent het ontstaanstijdstip van Fragaria ananassa bestaat wel meer duidelijkheid. De soort moet immers zijn ontstaan tussen 1714 en 1759, omdat de eerste Chili-aardbeien in 1714 in Frankrijk werden geïntroduceerd en de nieuwe hybride-soort vervolgens in 1760 voor het eerst door Miller werd beschreven.

Al snel bleek dat de nieuwe soort zodanig goede eigenschappen had, dat deze in commerciële teelten de scharlaken-aardbei en Chili-aardbei geheel verdrong. Buiten de soort Fragaria ananassa zijn andere Fragaria-soorten op dit moment daarom nauwelijks nog van economische betekenis. Heden ten dage behoren derhalve nagenoeg alle commerciële aardbeirassen tot de soort Fragaria ananassa. Deze hedendaagse cultuuraardbei wordt soms nog steeds ananasaardbei of ook wel tuinaardbei genoemd.

Doordat de oudersoorten van Fragaria ananassa geografisch gescheiden leven, zijn natuurlijke hybriden zelden waargenomen. Er bestaat derhalve geen natuurlijk verspreidingsgebied van de cultuuraardbei. Het is dus een typisch voorbeeld van een gedomesticeerde soort die door menselijke tussenkomst is ontstaan.

De geschiedenis van de hedendaagse cultuuraardbei is met het bovenstaande verhaal echter nog niet helemaal compleet. In 1850 ontdekte de in San Francisco werkende Fransman De la Revière in de wintermaanden aardbeienvruchten op de plaatselijk weekmarkt. Hij speurde de herkomst van de vruchten na en kwam er zodoende achter dat deze afkomstig waren van kussenvormende planten die direct aan de kust van Californië groeiden. De planten bleken bijna het gehele jaar vruchten te dragen, doordat er gedurende het gehele groeiseizoen (tweeslachtige) bloemen werden gevormd, dit in tegenstelling tot de tot dan toe bekende Chili-aardbeien en scharlaken-aardbeien die slechts éénmaal per jaar bloemen vormden. De la Revière stuurde zaden naar Frankrijk en deze planten bleken de basis voor de ontwikkeling van de latere doordragende aardbeien. De plant werd destijds gezien als een nieuwe botanische soort, doch wordt volgens de huidige wetenschappelijke inzichten gezien als een ondersoort van de Chili-aardbei. Daarmee is het natuurlijke verspreidingsgebied van de Chili-aardbei niet langer beperkt tot alleen Zuid-Amerika en daarmee staat derhalve ook vast dat niet alle Chili-aardbeien éénslachtige bloemen hebben.

Daarmee is het verhaal nog steeds niet helemaal compleet. Sinds eind jaren '60 van de vorige eeuw zijn enkele wetenschappers in Zweden en Duitsland bezig geweest met het creëren van een nieuwe hybride-soort uit een soortkruising van de kleine bosaardbei (Fragaria vesca) met de hedendaagse cultuuraardbei (Fragaria x ananassa). Het doel is het combineren van de eigenschappen van de hedendaagse cultuuraardbei (met name de groeikracht en de grote vruchten) met het specifieke aroma van de bosaardbei. Het bleek echter zeer moeizaam om uit deze soortkruising vruchtbare nakomelingen te verkrijgen. Via een ingewikkeld kruisingsschema is dit alsnog gelukt. Als gevolg van dit kruisingsschema is de nieuwe soort decaploid, deze heeft dus maar liefst tien setjes chromosomen (2n = 10x = 70), waarvan er twee van de bosaardbei en acht van de cultuuraardbei afkomstig zijn. De nieuwe soort draagt de wetenschappelijke naam Fragaria vescana. Er zijn op dit moment enkele Zweedse en Duitse rassen van deze nieuwe soort beschikbaar. Commercieel hebben deze rassen echter nog geen grote betekenis; zij zijn tot op dit moment met name interessant voor wetenschappers en voor hobbytuinders.

 

   
       
 

Kenmerken en teelt

Aardbeien groeien aan lage meerjarige kruidachtige planten. De meeste rassen vormen gedurende de zomer uitlopers (stolonen), waaraan de jonge planten groeien. Deze natuurlijke vermeerderingswijze wordt van oudsher gebruikt voor de vermeerdering en instandhouding van de rassen (vegetatieve vermeerdering). De laatste jaren zijn er ook enkele rassen op de markt gekomen die door zaaien worden vermeerderd. Het niveau van deze door zaaien vermeerderde rassen is op dit moment echter nog wat lager dan van de vegetatief vermeerderde rassen. Binnen sommige marktsegementen hebben gezaaide aardbeien echter een plek verworven (met name in de perk- en potplantenteelt ten behoeve van de particuliere markt).

Er wordt onderscheid gemaakt tussen éénmaaldragende en doordragende rassen. De éénmaaldragende rassen zijn korte-dag planten. Dat wil zeggen dat voor de bloeminductie korte-dag omstandigheden nodig zijn (<13 uur licht, ofwel >11 uur donker). De bloeminductie vindt dus in het najaar plaats. De geinduceerde bloemen groeien in het opvolgende seizoen na de winter uit en geven dan in juni en juli de oogst. Er is dan dus één (grote) oogst per seizoen. Vanwege de oogstperiode, die grotendeels in juni plaatsvindt, worden éénmaal dragende aardbeien ook wel junidragende aardbeien genoemd.

Bij de doordragende of remontende rassen vindt er gedurende de gehele zomer bloemaanleg, bloei en vruchtzetting plaats. De oogst is bij deze rassen meer gespreid over de gehele zomer. Doordragende rassen zou men dus daglengte-neutraal kunnen noemen, omdat voor de inductie van de bloemen geen korte-dag omstandigheden nodig zijn.

Aardbeiplanten hebben normaliter wit gekleurde bloemen. Er zijn inmiddels echter ook enkele rassen ontwikkeld met bloemkleuren die variëren van lichtroze tot zeer donkerroze (bijna rood). Deze alternatieve bloemkleuren werden ingekruist uit het verwante geslacht Comarum / Potentilla. Rassen met alternatieve bloemkleuren werden speciaal voor de particuliere markt ontwikkeld, waar de sierwaarde en de nutswaarde op die manier kunnen worden gecombineerd. Met name in het nieuwe assortiment gezaaide aardbeienrassen worden diverse rassen aangetroffen met roze of bijna rood gekleurde bloemen.

Elke stamper in de aardbeienbloem kan na bevruchting uitgroeien tot een dopvruchtje. Datgene wat in het dagelijkse spraakgebruik de aardbeienvrucht voorstelt is eigenlijk een schijnvrucht die bestaat uit de uitgegroeide bloembodem met aan het oppervlak de zogenaamde "zaadjes", wat dus eigenlijk geen zaadjes, maar (dop)vruchtjes zijn. Het opzwellen van de bloembodem is afhankelijk van het feit of de dopvruchtjes op de bloembodem gezet zijn. Onvoldoende bestuiving en/of bevruchting leidt in het algemeen tot misvormde aardbeien, zeker als er op één plaats erg veel dopvruchtjes niet gezet zijn.

De kleur van de rijpe (schijn)vruchten kan -al naar gelang het ras- variëren van nagenoeg wit als het ene uiterste tot bijna zwartrood als het andere uiterste. In commerciële teelten zijn alleen rassen met helderrode tot donkerrode vruchten gewenst. Te lichte aardbeien worden door consumenten immers geassocieerd met onrijp, terwijl te donkere aardbeien al snel worden geassocieerd met overrijp. De laatste jaren is wat hernieuwde belangstelling ontstaan voor oude bijna witte aardbeienrassen, welke op dit moment een niche-markt opvullen.

Alhoewel aardbeiplanten meerjarig zijn, wordt de beste opbrengst en kwaliteit verkregen van éénjarige planten die tijdig zijn geplant. Voor éénmaaldragende rassen betekent dit dat eind juli tot uiterlijk begin augustus moet worden geplant om in juni-juli van het opvolgende jaar de best mogelijke oogst te behalen. Doordragende rassen worden in het voorjaar geplant, nadat de planten bij voorkeur zijn voorgetrokken in de kas. Elk jaar vervangen van de aardbeienplanten door nieuwe virusvrije planten geeft de beste opbrengst en kwaliteit.

 

 

 

 

 

 

 

 

de meeste aardbeirassen hebben witte bloesems

sommige nieuwe aardbeirassen hebben roze bloesems, in dit geval het ras 'Florian'

sommige nieuwe aardbeirassen hebben bijna rode bloesems, in dit geval het ras 'Tarpan'

       
 

Omschrijving collectie FruitLent

De collectie van FruitLent bestaat uit enkele doordragende rassen en een aantal éénmaaldragende rassen. De éénmaaldragende aardbeien bevinden zich op een veldje van 11 m² groot. Dit veldje is tussen de planten afgedekt met antiworteldoek, zodat onkruiden geen kans krijgen en de vruchten mooi schoon blijven. Het veldje met éénmaal dragende aardbeien bestaat uit in totaal 30 planten van diverse verschillende rassen. Er zijn geen commercieel gangbare rassen aanwezig: alle aanwezige éénmaaldragende rassen zijn namelijk afkomstig uit een eigen veredelingsprogramma (1991-2005).

De doordragende rassen worden gewoonlijk opgeplant in hangpotten die aan de veranda worden gehangen en op dit manier sierwaarde en nutswaarde combineren. Daarnaast zijn in de siertuin enkele kleine en grote bosaardbeien aanwezig (Fragaria vesca en Fragaria moschata) en bevindt zich daar tevens een veldje met de nieuwere hybridesoort Fragaria x vescana.

Er is in FruitLent ervaring opgedaan met de navolgende rassen:

Eénmaaldragende rassen (Fragaria x ananassa)

MJ 94.002

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Maxim' x 'Senga Duretta'. De kruising werd in 1991 gemaakt. Het ras werd vervolgens in 1994 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Tamelijk forse planten met uithangende donkergroene bladeren. Derhalve geen open gewastype. Sterk tegen meeldauw. Zeer productief. Rijpt tamelijk laat tot laat met matig grote tot tamelijk kleine vrij donkerrode vruchten die wat bonkig zijn en daardoor als geoogst product niet fraai ogen. Zeer stevig vruchtvlees. Vatbaar voor vruchtrot. De smaak is slechts matig.

Foto's uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 94.002'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 94.002'        
MJ 95.005 (Aton)

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Holiday' x 'Sivetta'. Het ras werd in 1995 geselecteerd. Het ras is inmiddels beproefd in Nederland, België, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland. Omdat het een veelbelovend ras betrof werd een commerciële introductie overwogen. Bij introductie zou waarschijnlijk de naam 'Aton' gaan gelden. Het ras is tot dusverre echter niet commerciëel geïntroduceerd.

Het ras geeft een open planttype met ietwat uithangend blad. De bloemtrossen zijn lang, met uitzondering van enkele kortere trossen. De planten geven vrij weinig uitlopers.

De productiviteit is zeer goed. De rijptijd valt gelijk met het bekende ras 'Elsanta' en is derhalve middentijds tot tamelijk laat. De vruchten zijn prachtig gezet, waardoor nagenoeg geen misvormde vruchten aanwezig zijn. De vruchten hebben mede daardoor een zeer fraai uiterlijk: groot, kort kegelvorming met een helderrode kleur. Aan het einde van de oogstperiode komen ook kleinere vruchten voor. De zaden liggen op de juiste diepte (niet te diep, niet te oppervlakkig). Het vruchtvlees heeft een tamelijk goede tot goede stevigheid. De smaak is tamelijk goed tot goed. De vruchten plukken gemakkelijk.

Lijkt weinig vatbaar voor bodemschimmels. Wel enigszins vatbaar voor meeldauw gebleken.

Ondanks dat dit ras in enkele internationale rassenproeven heeft gestaan en daar goed presteerde ten opzichte van diverse standaardrassen is vooralsnog van commerciële introductie afgezien, omdat er twijfels zijn gerezen over de houdbaarheid van de geoogste vruchten.

Foto's uit 1997:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.005'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 95.005'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.005'. Hier is duidelijk zichtbaar dat de vruchten van dit ras prachtig gezet zijn.    


Foto's uit 2002:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.005'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 95.005'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.005'. Hier is duidelijk zichtbaar dat de vruchten van dit ras prachtig gezet zijn.    


Foto's uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.005'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 95.005'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.005'    
MJ 95.016

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Holiday' x 'Sivetta'. Het ras werd in 1995 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Mooi open gewastype met wat beperktere plantomvang. Sommige bloemtrossen zijn aan de korte kant. Rijpt ongeveer 3 dagen voor 'Elsanta'. Tamelijk grote kort kegelvormige enigszins geschouderde vruchten. Stevig vruchtvlees met een goede smaak. De zaden liggen iets diep in het vruchtvlees verzonken. Plukt gemakkelijk.

Foto's uit 1997:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.016'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.016'        

Foto's uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.016'   Rijpe vruchten van het ras 'MJ 95.016'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.016'    
MJ 95.024

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Chandler' x 'Sivetta'. Het ras werd in 1995 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Ras met een open planttype en een zeer gezond gewas (sterk tegen meeldauw) met grote tamelijk donkergroene bladeren. De planten hebben de neiging om later in het seizoen nabloei te vertonen.

Rijpt tamelijk vroeg, ongeveer 3 dagen voor 'Elsanta'. De vruchten zijn wat variabel qua grootte en kunnen wat misvormingen vertonen. Het vruchtvlees is matig stevig met een zeer goede smaak.

Foto's uit 1997:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.024'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.024'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.024'    


Foto's uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.024'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.024'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 95.024'    
MJ 98.009

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Sivetta' x 'Holiday'. Het ras werd in 1998 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Vormt een sterk gewas met mooie open planten met een matige tot sterke groeikracht. Rijpt vrij laat. De productiviteit lijkt aan de matige kant. Zeer fraaie en grote kort kegelvormige vruchten met een mooie glans. Stevig vruchtvlees. Matige tot tamelijk goede smaak. Plukt gemakkelijk.

Foto's uit 2009:

Rijpe vruchten van het ras 'MJ 98.009'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 98.009'      
Rijpende vruchten van het ras 'MJ 98.009'   Rijpe vruchten van het ras 'MJ 98.009'        
MJ 98.012

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Sivetta' x 'Holiday'. Het ras werd in 1998 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Middelforse planten met een open opgaand planttype. Lijkt vatbaar voor bodemschimmels.

De productiviteit lijkt redelijk tot goed. Rijpt tamelijk laat. Lange trossen met kegelvormige wat donkerrode vruchten, waarvan de eersten iets misvormd kunnen zijn. De zaden liggen tamelijk aan het oppervlak. Het vruchtvlees is matig stevig.

Foto's uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 98.012'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 98.012'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 98.012'    
Geoogste vruchten van het ras 'MJ 98.012'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 98.012'        
MJ 99.020

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Holiday' x 'Maxim'. Het ras werd in 1999 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Zeer fors en gezond gewas met middelgroene bladeren. Rijpt tamelijk laat. De planten zijn niet erg productief, doch de fraaie tamelijk donkerrode kort-kegelvormige vruchten zijn groot en hebben een goede smaak met een sterk aroma. De zaden liggen aan het oppervlak.

Foto's uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 99.020'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 99.020'        
Rijpende vruchten van het ras 'MJ 99.020'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 99.020'        
MJ 00.002

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Holiday' x 'MJ 94.002' (= 'Maxim' x 'Senga Duretta'). Het ras werd in 2000 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Niet al te forse planten met een mooi open planttype. Donkergroen blad. Sommige planten kunnen aucuba-bont vertonen.

De productiviteit lijkt redelijk tot goed. Rijpt middentijds tot vrij laat met grote kort kegelvormige tamelijk donkerrode vruchten met een mooie glans. Sommige vruchten hebben een breed uiteinde en bij de eerste vruchten bevinden zich soms exemplaren met een slecht gezette punt. Het intens rood gekleurde vruchtvlees is zeer stevig en heeft een wat zurige smaak. De steeltjes van de vruchten zijn nogal stevig, waardoor ze wat lastiger plukken.

Foto's uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 00.002'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 00.002'        
Geoogste vruchten van het ras 'MJ 00.002'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 00.002'        
MJ 00.003

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Holiday' x 'MJ 94.002' (= 'Maxim' x 'Senga Duretta'). Het ras werd in 2000 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Tamelijk forse planten met een zeer open en opgaand planttype. Tamelijk donkergroene bladeren. Sommige planten kunnen aucuba-bont vertonen. De productiviteit lijkt redelijk met vruchten die enigszins variëren in grootte: van groot tot middelgroot. De grootste vruchten kunnen wat bonkig zijn. De vruchten zijn helderrood tot donkerrood van kleur met mooie glans. De zaden liggen enigszins aan het oppervlak. Het vruchtvlees is stevig.

Foto uit 2002:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 00.003'            


Foto uit 2009:

Rijpende vrucht van het ras 'MJ 00.003'            
MJ 00.009

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Valeta' x 'MJ 94.002' (= 'Maxim' x 'Senga Duretta'). Het ras werd in 2000 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Tamelijk forse planten met een opgaand planttype met vrij veel blad. Sommige planten kunnen aucuba-bont vertonen. Productief ras dat laat rijpt met niet al te grote vruchten. De vruchten zijn kort kegelvormig en lichtrood tot helderrood van kleur. De zaden liggen op normale diepte in het vruchtvlees. Het vruchtvlees is redelijk stevig. De kwetsbaarheid lijkt gering. Goed van smaak. De vruchten plukken vrij moeilijk, omdat de steeltjes nogal stevig zijn.

Foto's uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 00.009'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 00.009'        
MJ 00.010

Geselecteerd door Marcel Joosten uit een kruising van 'Valeta' x 'MJ 94.002' (= 'Maxim' x 'Senga Duretta'). Het ras werd in 2000 geselecteerd. Het ras is nooit commerciëel geïntroduceerd.

Opgaand planttype met planten van betrekkelijk kleine omvang. Late rijping van zeer fraaie kort kegelvormige lichtrode vruchten, waarvan de zaden aan het oppervlak liggen. Weinig tot geen misvormde vruchten. Het vruchtvlees is stevig.

Foto uit 2009:

Rijpende vruchten van het ras 'MJ 00.010'   Geoogste vruchten van het ras 'MJ 00.010'   Rijpende vruchten van het ras 'MJ 00.010'    

 

Doordragende rassen (Fragaria x ananassa)

Beltran (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Beltran' is bedoeld voor het marktsegment "pot- en perkplantentelers", met name ten behoeve van "hanging baskets".

Omdat 'Beltran' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

Groeikrachtige enigszins compacte planten met donkergroen blad en vrij veel uitlopers. Tamelijk gevoelig voor meeldauw. De eerste bloemen verschijnen vrij vroeg. De grote halfgevulde witte bloemen staan op bloemtrossen die boven het blad uit steken.

De bloemen worden opgevolgd door middelgrote conische vruchten met een intensief rode kleur. De zaden liggen aan het oppervlak. Het vruchtvlees is vrij zacht en heeft een goede aromatische smaak.

planten van aardbei van 'Beltran' in een hangpot   bloesem van aardbei 'Beltran'        
Delizz® (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders.
'Delizz' ® is eigenlijk geen rasnaam, maar een merknaam waarmee door ABZ een nieuw totaalconcept is gelanceerd, bedoeld voor het marktsegment "pot- en perkplantentelers". Het gaat om een totaalconcept, waarbij het product voor aflevering aan de de consument op een bepaalde manier wordt gepresenteerd met een speciaal geselecteerde Tamara pot, een aansprekende hoes en een draagkoker.

Voor het jaar 2016 won dit ras een award in de "All-American Selections" (AAS). De winnende varieteiten worden daarbij aangewezen door een netwerk van onafhankelijke juryleden die de prestaties van nieuwe rassen in de tuin beoordelen.

Omdat 'Delizz' ® een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

'Delizz' ® geeft wit gekleurde bloemen aan uniforme tamelijk groeikrachtige compacte planten met donkergroene opstaande bladeren en vrij veel uitlopers. Sterk tegen meeldauw. De bloemen worden opgevolgd conische oranjerode vruchten met een doorsnede van zo'n 3½ à 4 cm (15 à 20 gram). De vruchten hebben vrij stevig vruchtvlees met een zeer goede smaak: zoet en aromatisch. Door de goede zetting en de regelmatige vorm zijn de vruchten ook zeer fraai om te zien.

bloesem van aardbei 'Delizz'®   planten van aardbei 'Delizz'®        
planten van aardbei 'Delizz'® in een hangpot   vruchten van aardbei 'Delizz'®   vruchten van aardbei 'Delizz'®    
Elan (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland) onder kweeknummer 'w78'. Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Elan' is bedoeld voor alle drie de genoemde marktsegmenten.

Omdat 'Elan' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De planten hebben een tamelijk sterke groeikracht en vormen donkergroene bladeren met opgerichte groeiwijze. De witte bloemen staan op stevige lange bloemtrossen die boven het blad uit steken. Per bloemtros worden niet zo veel bloemen gevormd.

De vruchten van 'Elan' zijn kegelvormig, glanzend en lichtrood van kleur. De doorkleuring na de oogst verloopt langzaam. Het vruchtvlees en de vruchthuid zijn matig tot redelijk stevig. De vrucht is gevoelig voor regenschade. De vruchten zijn bij aanvang van de oogst groot en worden later in het plukseizoen middelgroot. De vruchten liggen door de lange bloemtrossen goed zichtbaar om de plant en laten zich gemakkelijk plukken.

Volgens ABZ is het meest opvallende kenmerk de uitstekende smaak, welke vooral wordt veroorzaakt door het hoge suikergehalte in de vruchten. Echter, 'Elan' heeft naast een hoog suikergehalte, ook een hoog zuurgehalte. Indien er onvoldoende assimilaten (suikers) aangemaakt worden, kunnen de vruchten dus wat zurig smaken.
Dit komt overeen met onze ervaringen in FruitLent. Wij hebben 'Elan' namelijk getest in hangpotten onder onze veranda, waardoor ze in de halfschaduw groeiden. Dit heeft effect op het suikergehalte. Rassen waarvan de smaak meer afhankelijk is van het aroma, zoals 'Sarian', 'Florian' en 'Roman' smaken daardoor in de half-schaduw beter.

bloesem van aardbei 'Elan'   plant van aardbei 'Elan'   plant van aardbei 'Elan'    
vruchten van aardbei 'Elan'   vruchten van aardbei 'Elan'      
Favori

In FruitLent aanwezig sinds het voorjaar van 2018. Nadere informatie volgt nog.

             
Florentina

In FruitLent aanwezig sinds het voorjaar van 2018. Nadere informatie volgt nog.

             
Florian (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Florian' is bedoeld voor het marktsegment "hobbytuinders".

Omdat 'Florian' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De planten hebben een middelmatige groeikracht met donkergroene bladeren met half-opgerichte tot hangende groeiwijze. De fraaie grote roze bloemen staan op lange bloemtrossen die ver boven het blad uit steken. Latere bloemen worden gewoonlijk wat lichter van kleur.

De bloemen worden opgevolgd door middelgrote lang-kegelvormige rode vruchten die onder het kroontje een halsje hebben. De zaden liggen enigszins aan het oppervlak. De vruchten van 'Florian' hebben een goede aromatische smaak.

Door de roze bloesemkleur heeft 'Florian' ook een grote sierwaarde.

roze bloesem van aardbei 'Florian'   vruchten aardbei 'Florian'   geoogste vruchten van aardbei 'Florian'    
aardbei 'Florian' in een hangpot   planten van aardbei 'Florian' in een hangpot      
Frisan (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Frisan' is bedoeld voor het marktsegment "perkplantentelers", met name ten behoeve van "hanging baskets". Het ras 'Frisan' vervangt het wat oudere ras 'Pikan'.

Omdat 'Frisan' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

Groeikrachtige planten met veel uitlopers. Sterk tegen meeldauw. De fraaie opvallende neon-roze bloemen staan op lange bloemtrossen die boven het blad uit steken. Vormt later in het seizoen ook bloemen en vruchten op de uitlopers.

De bloemen worden opgevolgd door middelgrote rode vruchten. De sappige vruchten van 'Frisan' hebben een zoete smaak.

Door de fraaie neon-roze bloesemkleur heeft 'Frisan' ook een grote sierwaarde.

bloesem van aardbei 'Frisan'   planten van aardbei 'Frisan'        
planten van aardbei 'Frisan' in een hangpot   vruchten van aardbei 'Frisan'        
Furore

In FruitLent aanwezig sinds het voorjaar van 2018. Nadere informatie volgt nog.

             
Grandian (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Grandian' is bedoeld voor het marktsegment "hobbytuinders.

Omdat 'Grandian' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De compacte planten van 'Grandian' hebben donkergroene bladeren en vormen witte bloemen die worden opgevolgd door dieprode opvallend grote vruchten (vandaar de naam van dit ras). De vruchten hebben een goede smaak.

Dit ras is in 2017 voor het eerst in FruitLent getest. Daarbij is gebleken dat één van de planten roze bloesems vormde, terwijl alle overige planten (volgens de rasbeschrijving) witte bloesems vormden. Volgens van ABZ verkregen informatie zou het moeten gaan om een abusievelijke vermenging, niet om een variatie of afwijking binnen het ras.

vruchten van aardbei 'Grandian'            
Loran (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Loran' is bedoeld voor het marktsegment "perkplantentelers".

Omdat 'Loran' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De compacte planten hebben niet zo'n sterke groeikracht en vormen opvallend donkergroene bladeren met een tamelijk opgerichte groeiwijze. Er worden vrij weinig uitlopers gevormd. De witte bloemen staan op stevige bloemtrossen die niet zo lang zijn en daardoor net boven het blad uit steken.

De vruchten zijn groot, mooi conisch gevormd en mooi donkerrood. Ook het vruchtvlees heeft een mooie rode kleur. De smaak van 'Loran' komt volgens ABZ vrij goed overeen met de smaaktopper 'Elan'; de smaak van 'Loran' zou derhalve zeer goed zijn. Dit wordt vooralsnog echter niet gesteund door onze ervaringen in FruitLent. Wij vermoeden dat dit komt omdat de goede smaak bij 'Elan' wordt toegeschreven aan het hoge suikergehalte in de vruchten. Wij hebben deze aardbeien echter getest in hangpotten onder onze veranda, waardoor ze in de halfschaduw groeiden. Dit heeft effect op het suikergehalte. De rassen waarvan de smaak meer afhankelijk is van het aroma, zoals 'Sarian', 'Florian' en 'Roman' smaken daardoor in de half-schaduw beter.

De planten hebben door de compacte groei in combinatie van de donkergroene bladeren ook een hoge sierwaarde.

bloesem van aardbei 'Loran'   compacte planten van aardbei 'Loran'   vruchten van aardbei 'Loran'    
Ostara

In FruitLent aanwezig sinds het voorjaar van 2018. Nadere informatie volgt nog.

             
Pikan (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Pikan' is bedoeld voor het marktsegment "perkplantentelers", met name ten behoeve van "hanging baskets". Zaden van het ras 'Pikan' worden niet meer geproduceerd; het ras is inmiddels vervangen door de opvolger 'Frisan'.

Omdat 'Pikan' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

Groeikrachtige compacte planten met middelgroene tot donkergroene glanzende bladeren en vrij veel uitlopers. 'Pikan' geeft grote fraaie roze gekleurde bloemen, welke worden opgevolgd door middelgrote zoete vruchten met een conische vorm.

Door de fraaie roze bloesemkleur heeft 'Pikan' ook een grote sierwaarde.

aardbei 'Pikan' in een hangpot   bloesem van aardbei 'Pikan'   vruchten van aardbei 'Pikan'    
Roman (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Roman' is bedoeld voor het marktsegment "perkplantentelers".

Omdat 'Roman' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De planten hebben een middelmatige tot tamelijk sterke groeikracht met middelgroene tot donkergroene bladeren met half-opgerichte groeiwijze en tamelijk veel uitlopers. Tamelijk gevoelig voor meeldauw. Jonge planten beginnen al tamelijk vroeg te bloeien met fraaie grote lichtroze bloemen (appelbloesemkleur). De bloemen staan op lange opgerichte bloemtrossen die ver boven het blad uit steken. Latere bloemen worden gewoonlijk wat lichter van kleur.

De bloemen worden opgevolgd door middelgrote kegelvormige tot langwerpige rode vruchten die onder het kroontje een halsje hebben. Pas als de vruchten in omvang toenemen, zakken de opgerichte bloemtrossen naar beneden. De zaden liggen op normale diepte in het vruchtvlees. De vruchten van 'Roman' hebben een zeer goede speciale aromatische smaak.

Door de appelbloesemkleur heeft 'Roman' ook een grote sierwaarde.

appelbloesemkleurige bloemen van aardbei 'Roman'   appelbloesemkleurige bloem van aardbei 'Roman'   planten van aardbei 'Roman'    
planten van aardbei 'Roman' met lange bloemtrossen   vruchten van aardbei 'Roman'        
planten van aardbei 'Roman' in een hangpot   vruchten van aardbei 'Roman'        
Ruby Ann (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Ruby Ann' is bedoeld voor het marktsegment "perkplantentelers" en wordt dan gebruikt voor de deelsegmenten "tuinplantenmarkt" en "hanging baskets".

Omdat 'Ruby Ann' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De compacte planten van 'Ruby Ann' hebben een middelmatige groeikracht met donkergroene bladeren met opgerichte groeiwijze en weinig uitlopers. Al heel vroeg in het seizoen verschijnen op de nog jonge planten de eerste bloemen, welke bij het open gaan een prachtige robijnrode kleur hebben. Zodra de bloemen wat langer open zijn, worden ze roodpaars van kleur (als 'Tarpan' en 'Tristan'). De compacte groeiwijze, de vroege bloei en de grote bloemem met de rode keur maken dit ras extra geschikt voor het marktsegment "perkplantentelers".

De bloemen worden opgevolgd door middelgrote conische tot langwerpige rode vruchten. Indien de planten in de volle zon worden opgekweekt, dan smaken de vruchten op zijn best redelijk. Als de omstandigheden minder zijn, dan is de smaak slechts zeer matig (zuur zonder aroma). De kwaliteit van het ras zit hem dan ook vooral in de bloemkleur. 'Ruby Ann' is door de uitzonderlijke bloemkleur dan ook een opvallende verschijning met een hoge sierwaarde.

aardbei 'Ruby Ann' in een hangpot   rode bloesem van aardbei 'Ruby Ann'   rode bloesem van aardbei 'Ruby Ann'    
Sarian (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland) onder kweeknummer 't84'. Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Sarian' is bedoeld voor het marktsegment "hobbytuinders".

Omdat 'Sarian' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De planten hebben een middelmatige groeikracht met donkergroene bladeren met half-opgerichte groeiwijze. De witte bloemen staan op lange bloemtrossen die daardoor ver boven het blad uit steken.

De bloemen worden opgevolgd door middelgrote kort-kegelvormige vruchten. De zaden liggen op normale diepte in het vruchtvlees. De aardbeien hebben een goede aromatische smaak.

bloem van aardbei 'Sarian'   plant van aardbei 'Sarian'   'Sarian' aardbeien in een hangpot    
close-up vruchten 'Sarian'   vruchten van aardbei 'Sarian'   close-up vruchten 'Sarian'    
Tarpan (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Tarpan' is bedoeld voor het marktsegment "perkplantentelers", met name voor "hanging baskets" en als kuipplant in de siertuin.

Omdat 'Tarpan' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De planten beginnen al vroeg met bloeien en bloeien uitbundig met grote bloemen. De bloemkleur van 'Tarpan' is zonder meer uniek te noemen: deze zijn namelijk intensief roze (paarsrood) van kleur. De planten hebben een middelmatige groeikracht met lichtgroene bladeren met uithangende groeiwijze. De planten lijken enigszins vatbaar te zijn voor meeldauw. De planten vormen vrij veel uitlopers. De bloemtrossen zijn niet zo lang en steken daardoor net boven het blad uit.

De bloemen worden opgevolgd door middelmatig grote vruchten met een typische langwerpige vorm en een donkerrode kleur. De vruchten hebben onder het kroontje een halsje. De vruchten hebben een matige licht aromatische smaak. De kwaliteit van het ras zit hem dan ook vooral in de bloemkleur. 'Tarpan' is door de uitzonderlijke bloemkleur dan ook een opvallende verschijning met een hoge sierwaarde.

bloesem van aardbei 'Tarpan'   bloesems van aardbei 'Tarpan'   plant van aardbei 'Tarpan'    
vruchten van aardbei 'Tarpan'   vruchten van aardbei 'Tarpan'   vruchten van aardbei 'Tarpan'    
Temptation (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door Floranova Ltd. in het Verenigd Koninkrijk. Dit bedrijf is gespecialiseerd in de ontwikkeling van perkplanten en groentegewassen voor potcultuur ten behoeve van de particuliere markt. De groentegewassen voor potcultuur worden door Floranova onder het label Vegetalis in de markt gezet.

'Temptation' geeft compacte planten die vrijwel geen uitlopers vormen en witte bloemen dragen. De planten zijn vatbaar voor aantasting door meeldauw. Omdat het een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

'Temptation' groeide in 2010 voor het eerst in FruitLent, doch we zijn er niet van onder de indruk geraakt. De planten hebben vrij kleine bladeren, zijn vatbaar voor meeldauw en geven kleine en veel misvormde vruchten. We moeten vaststellen dat de andere gezaaide rassen die afkomstig zijn van ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. van veel betere kwaliteit zijn !

Tristan (F1-hybride)

Dit ras wordt -in tegenstelling tot hetgeen tot nu toe gebruikelijk is- door middel van zaaien vermeerderd en is ontwikkeld door ABZ Aardbeien Uit Zaad B.V. in Andijk (West-Friesland, Noord-Holland). Het bedrijf wordt onder andere gerund door de heer ir. G.C.M. Bentvelsen, een aan de Wageningen Universiteit afgestudeerde plantenveredelaar. Het bedrijf richt zich op pot- en perkplantentelers, alsmede op hobbytuinders en professionele tuinders. Het ras 'Tristan' is bedoeld voor het marktsegment "perkplantentelers".

Omdat 'Tristan' een doordragend (remonterend) ras is, komen de bloemen gedurende het gehele groeiseizoen in vlagen en kunnen er gedurende de gehele zomer en herfst aardbeien worden geoogst.

De compacte planten hebben niet zo'n sterke groeikracht en vormen weinig uitlopers. 'Tristan' geeft diep roze gekleurde bloemen, welke al heel vroeg in het seizoen op de nog jonge planten verschijnen. De bloemen worden opgevolgd door langwerpige rood gekleurde vruchten. De vruchten hebben een wat onregelmatige vorm en zijn vaak niet fraai gezet. Onder het kroontje bevindt zich duidelijk een halsje.

Indien de planten in de volle zon worden opgekweekt, dan heeft het tamelijk stevige vruchtvlees op zijn best een redelijke smaak (licht zoet met een middelmatig sterk aroma). Als de omstandigheden minder zijn, dan is de smaak slechts matig. De kwaliteit van het ras zit hem dan ook vooral in de bloemkleur. 'Tristan' is door de donkeroze bloemkleur dan ook een opvallende verschijning met een hoge sierwaarde.

bloesem van aardbei 'Tristan'   bloesem van aardbei 'Tristan'   plant van aardbei 'Tristan'    
bloeiende planten van aardbei 'Tristan'   vruchten van aardbei 'Tristan'        

 

Eénmaaldragende rassen (Fragaria x vescana)

Florika

Het gaat om een kruising tussen de kleine bosaardbei (Fragaria vesca) en de gewone tuinaardbei (Fragaria x ananassa). Een vruchtbare kruising tussen deze twee soorten zal via natuurlijke weg niet tot stand komen, doch in Duitsland en Zweden zijn wetenschappers er in geslaagd om toch een vruchtbare kruisingen tussen deze twee soorten tot stand te brengen. De ontstane soortkruising wordt aangeduid met de wetenschappelijke naam Fragaria x vescana (een samentrekking van vesca en ananassa).

Dr. Rudolf Bauer (overleden in 1983) in Duitsland was één van de wetenschappers die er in slaagde om een vruchtbare kruising (via een omweg) toch tot stand te brengen.

Voor de ontwikkeling van 'Florika' kruiste hij de tuinaardbei 'Sparkle' (8x) met een tetraploide variant van Fragaria vesca var. semperflorens (4x). Het kruisingsproduct (6x) werd gekruist met de tuinaardbei 'Hummi' (8x). Uit deze kruising werd 'Florika' geselecteerd, welke decaploid (10x) blijkt te zijn; deze is derhalve ontstaan uit een ongereduceerde eicel van de moederplant.

Er werden in totaal twee Fragaria x vescana rassen van Dr. R. Bauer geïntroduceerd: in 1977 het ras 'Spadeka' en in 1989 het ras 'Florika' (deze werd aanvankelijk aangeduid als 'Florina'). Bij de introductie van 'Florika' was Dr. R. Bauer zelf derhalve inmiddels overleden.

'Florika' is een éénmaaldragend ras dat derhalve elk jaar in juni / juli vruchten geeft. De kegelvormige helderrode vruchten zijn 1,5 tot 4 cm in doorsnede en zijn daarmee aanzienlijk groter dan bosaardbeien, doch kleiner dan de meeste hedendaagse tuinaardbeien. De vruchten staan op stevige trossen die boven de planten uit steken. Het relatief weke vruchtvlees is rozerood van kleur. Door het weke vruchtvlees kunnen de vruchten eventueel ook zonder de kelk worden geoogst. Volgens de diverse beschrijvingen zouden de vruchten van 'Florika' het aroma van bosaardbeien bezitten, doch wij nemen dit eigenlijk niet waar (mogelijk dat dit wel geldt voor het eerdere ras 'Spadeka'). Ondanks het ontbreken van het bosaardbeienaroma is de smaak van 'Florika' zonder meer wel bijzonder goed te noemen !

De planten worden per stuk niet zo groot en gaan diverse jaren mee. Ze vormen veel uitlopers en worden om die reden wel aanbevolen als bodembedekker in particuliere tuinen (zon of half-schaduw). Om een bodemtapijt te vormen, wordt het aanplanten van 4 à 5 planten per m² aanbevolen. Door de uitlopervorming met daaraan jonge plantjes groeit de oppervlakte snel vol. Door de omhoog staande vruchttrossen hoeft er geen stro onder de planten te worden gelegd en hebben de vruchten niet zo snel last van vruchtrot (Botrytis).

Omdat de planten per stuk niet zo groot worden, worden er per plant ook niet buitengewoon veel vruchten gevormd. Doordat er in zo'n bodemtapijt echter veel planten per m² staan, kunnen toch nog behoorlijk wat vruchten worden geoogst. Volgens Duitse gegevens zou zo'n bodemtapijt circa 8 jaar mee kunnen gaan.

De planten zijn weinig vatbaar voor ziekten en plagen.

bloeiend bodemtapijt van aardbei 'Florika'   bodemtapijt met rijpende vruchten van aardbei 'Florika'   bodemtapijt met rijpende vruchten van aardbei 'Florika'    
rijpende vrucht van aardbei 'Florika'   rijpende vruchten van aardbei 'Florika'   rijpende vruchten van aardbei 'Florika'    

 

Doordragende rassen (Fragaria x vescana)

Rebecka

Het gaat om een kruising tussen de kleine bosaardbei (Fragaria vesca) en de gewone tuinaardbei (Fragaria x ananassa). Een vruchtbare kruising tussen deze twee soorten zal via natuurlijke weg niet tot stand komen, doch in Duitsland en Zweden zijn wetenschappers er in geslaagd om toch een vruchtbare kruisingen tussen deze twee soorten tot stand te brengen. De ontstane soortkruising wordt aangeduid met de wetenschappelijke naam Fragaria x vescana (een samentrekking van vesca en ananassa).

Karin Trajkovski van de Sveriges Lantbruksuniversitet (Swedish University of Agricultural Sciences) in Balsgård (Zweden) was één van de wetenschappers die er in slaagde om een vruchtbare kruising (via een omweg) tot stand te brengen. In Zweden wordt Fragaria x vescana, de soortkruising tussen de kleine bosaardbei en de gewone tuinaardbei, aangeduid met de Zweedse naam "smulgubbe".

Voor de ontwikkeling van 'Rebecka' kruiste Karin Trajkovsk de tuinaardbei 'Fern' (8x) met een tetraploide variant van de kleine bosaardbei Fragaria vesca (4x). Het kruisingsproduct (6x) werd gekruist met de tuinaardbei met de aanduiding 'F861502' (deze laatste betrof een Balsgård-selectie die was ontstaan uit een kruising van de rassen 'Lina', 'Cruz' en 'Honeoye').

Er werden vanuit Zweden in totaal drie Fragaria x vescana rassen geïntroduceerd 'Annelie' (1977), 'Sara' (1988) en 'Rebecka'. Deze laatste stond aanvankelijk bekend onder kwekersnummer 'F9152003' en werd omstreeks 2002 geïntroduceerd onder de naam 'Rebecka'. Het is daarmee de laatste introductie van een Fragaria x vescana ras en is tevens de enige doordrager binnen dit segment !

'Rebecka’ is dus een dagneutraal ras (ofwel doordrager) die gedurende de gehele zomer en herfst bloemen en vruchten produceert. Vanwege het dagneutrale karakter, vindt er ook bloem- en vruchtontwikkeling plaats op de uitlopers die de planten vormen. Het aantal uitlopers is echter beperkt en daarmee wijkt het ras derhalve af van het hierboven beschreven ras 'Florika', die juist veel uitlopers vormt. Ook voor 'Rebecka' geldt dat de planten per stuk niet zo groot worden en diverse jaren mee gaan.

Indien de eerste bloemen niet worden weggenomen, vinden er twee oogstpieken plaats: één piek in het normale aardbeiensezoen en één piek in augustus. ‘Rebecka’ gaat echter door met het vormen van bloemen en vruchten zo lang als het weer in het najaar het toelaat.

De vruchten van 'Rebecka’ zijn klein tot middelgroot, gemiddeld circa 5½ gram zwaar, waarbij de grootste vruchten ongeveer 10 gram wegen (doorsnede circa 3 cm). Ze zijn daarmee aanzienlijk groter dan bosaardbeien, doch kleiner dan de meeste hedendaagse tuinaardbeien.

Het vruchtvlees heeft een voortreffelijke smaak met een sterk aroma; het bosaardbei-aroma is duidelijk herkenbaar. Het vruchtvlees is veel zachter van structuur dan van de hedendaagse commerciële tuinaardbei-rassen; hierdoor hebben de vruchten geen goede bewaar- en transporteigenschappen. Derhalve zijn de commerciële mogelijkheden van de vruchten beperkt en is het ras met name geschikt voor particuliere tuinen.

De planten zijn weinig gevoelig voor ziektes en zijn zeer winterhard.

bloesems van aardbei 'Rebecka'   vruchten van aardbei 'Rebecka'   vruchten van aardbei 'Rebecka'    
vruchten van aardbei 'Rebecka'   vruchten van aardbei 'Rebecka'        


Kleine bosaardbei (Fragaria vesca)

Alexandria

Ook bekend onder de onjuiste benaming 'Alexandra'.

Dit ras behoort tot de kleine bosaardbei (Fragaria vesca var. semperflorens) en wordt door middel van zaaien vermeerderd. Het ras werd in 1964 op de markt gebracht door de Amerikaanse zaadfirma George W. Park Seed Company, aanvankelijk nog onder de naam 'Baron Solemacher Improved’.
'Alexandria' is vandaag de dag één van de bekendere rassen, die soms ook wordt geschreven als 'Alexandra'. Het ras werd echter naar de Amerikaanse plaats Alexandria genoemd, zijnde de standplaats van de American Horticultural Society (AHS). Bovendien is 'Alexandra' de naam van een oud ras van de gewone tuinaardbei van de firma Nicaise (waarvan overigens niet bekend is of deze nog bestaat), waardoor er dus twee redenen zijn waarom de schrijfwijze 'Alexandra' als niet juist moet worden beschouwd.

Door de doordragende eigenschap blijven de planten gedurende de gehele zomer en herfst doorbloeien en vruchtjes vormen. De vruchtjes worden rood van kleur en zijn wat groter dan van de wilde vorm van de bosaardbei, doch dit is ten opzichte van de normale tuinaardbei nog steeds klein. De vruchtjes hebben de voor bosaardbeien kenmerkende aromatische smaak.

De planten van 'Alexandria' staan er om bekend dat ze krachtig groeien, maar geen uitlopers vormen. Ze verwilderen daardoor minder snel dan de wilde vorm van de bosaardbei. De planten hebben voor een bosaardbei een goede productiviteit.

vruchten van bosaardbei 'Alexandria'            
Baron Solemacher

Staat ook wel bekend als 'Baron von Solemacher' en 'Reine des Vallées’.

Dit ras behoort tot de kleine bosaardbei (Fragaria vesca var. semperflorens) en wordt door middel van zaaien vermeerderd. Het ras werd in 1935 door Handelskwekerij F.C. Heinemann in Erfurt (Duitsland) in de handel gebracht. 'Baron Solemacher' betreft (net als het succesvolle ras 'Rügen', die enkele jaren eerder in de kasteeltuinen van Putbus ontwikkeld was) een doordragend ras aan rankloze planten. Het ras raakte na de introductie al snel over de gehele wereld verspreid. In Frankrijk werd 'Baron Solemacher' vervolgens bekend onder de naam 'Reine des Vallées’, welke derhalve een synoniem is.

Door de doordragende eigenschap blijven de planten gedurende de gehele zomer en herfst doorbloeien en vruchtjes vormen. De vruchtjes worden rood van kleur en zijn wat groter dan van de wilde vorm van de bosaardbei, doch dit is ten opzichte van de normale tuinaardbei nog steeds klein. De vruchtjes hebben de voor bosaardbeien kenmerkende aromatische smaak.

De planten zijn productief en vormen geen uitlopers. Ze verwilderen daardoor minder snel dan de wilde vorm van de bosaardbei.

bloesems van bosaardbei 'Baron von Solemacher'   rijpe vruchtjes van bosaardbei 'Baron von Solemacher'   zeer rijpe vruchtjes van bosaardbei 'Baron von Solemacher'    
Mignonette

Dit ras behoort tot de kleine bosaardbei (Fragaria vesca var. semperflorens) en wordt door middel van zaaien vermeerderd. Waarschijnlijk is dit ras van Franse oorsprong.

Door de doordragende eigenschap blijven de planten gedurende de gehele zomer en herfst doorbloeien en vruchtjes vormen. De vruchtjes worden rood van kleur en zijn wat groter dan van de wilde vorm van de bosaardbei, doch dit is ten opzichte van de normale tuinaardbei nog steeds klein. De vruchtjes hebben de voor bosaardbeien kenmerkende aromatische smaak.

De planten van 'Mignonette' staan er om bekend dat ze tamelijk krachtig groeien, maar geen uitlopers vormen. Ze verwilderen daardoor minder snel dan de wilde vorm van de bosaardbei. De planten hebben een goede productiviteit.

planten van bosaardbei 'Mignonette'   vruchten van bosaardbei 'Mignonette'        
Yellow Cream

Dit ras van onbekende herkomst behoort tot de kleine bosaardbei (Fragaria vesca var. semperflorens) en wordt door middel van zaaien vermeerderd.

'Yellow Cream' is een doordragend ras, waardoor de planten gedurende de gehele zomer en herfst blijven doorbloeien en vruchtjes blijven vormen. Het bijzondere van dit ras is het feit dat de vruchtjes niet rood kleuren zodra ze rijp worden. De kleurstof ontbreekt volledig, waardoor de vruchtjes wit blijven. In het volledig rijpe stadium lijken ze meer geel, vandaar de naam. Door deze afwijkende vruchtkleur bestaat er minder kans op vogelvraat.

De vruchtjes zijn wat groter dan van de wilde vorm van de bosaardbei, doch dit is ten opzichte van de normale tuinaardbei nog steeds klein. De vruchtjes zijn goed van smaak en hebben de voor bosaardbeien kenmerkende aromatische smaak.

De planten zijn voldoende productief en vormen geen uitlopers. Ze verwilderen daardoor minder snel dan de wilde vorm van de bosaardbei.

planten van bosaardbei 'Yellow Cream'   vruchten van bosaardbei 'Yellow Cream'        
Yellow Wonder

Dit ras van onbekende herkomst behoort tot de kleine bosaardbei (Fragaria vesca var. semperflorens) en wordt door middel van zaaien vermeerderd.

'Yellow Wonder' is een doordragend ras, waardoor de planten gedurende de gehele zomer en herfst blijven doorbloeien en vruchtjes blijven vormen. Het bijzondere van dit ras is het feit dat de vruchtjes niet rood kleuren zodra ze rijp worden. De kleurstof ontbreekt volledig, waardoor de vruchtjes wit blijven. In het volledig rijpe stadium lijken ze meer geel, vandaar de naam. Door deze afwijkende vruchtkleur bestaat er minder kans op vogelvraat.

De vruchtjes zijn wat groter dan van de wilde vorm van de bosaardbei, doch dit is ten opzichte van de normale tuinaardbei nog steeds klein. De vruchtjes zijn goed van smaak en hebben de voor bosaardbeien kenmerkende aromatische smaak.

De planten zijn productief en vormen geen uitlopers. Ze verwilderen daardoor minder snel dan de wilde vorm van de bosaardbei.

vruchtjes van bosaardbei 'Yellow Wonder'            

 

Grote bosaardbei (Fragaria moschata)

Capron Framboise

Dit ras behoort tot de grote bosaardbei of muskusaardbei of muskaataardbei (Fragaria moschata) en wordt ook wel kortweg 'Capron' genoemd.

Het is goed mogelijk dat dit ras dezelfde, of vergelijkbaar, is met de 'Le Chapiron' die al in 1576 werd beschreven door Lobel. In 1591 werd hetzelfde ras door Lobel 'Chapiton' genoemd. De afgeleide naam 'Le Capiton' komt vervolgens voor in een boek van 1665. En in 1672 wordt de 'Capron' vervolgens voor het eerst beschreven door Quintinye (tuinman van Lodewijk XIV), waarbij het dus goed mogelijk is dat het in alle gevallen gaat om hetzelfde ras.

Het is een éénmaal dragend ras met tweeslachtige bloemen die worden opgevolgd door vruchten die iets groter zijn dan van de kleine bosaardbei (5 tot 8 gram). Rijpe vruchten worden aan de buitenkant helderrood van kleur. Het vruchtvlees is wit van kleur en heeft een sterk aroma.

De planten zijn niet erg productief en vormen veel uitlopers en kunnen daardoor snel verwilderen. Daardoor zijn ze bijvoorbeeld geschikt als onderbegroeiing in een tuin. De planten zelf lijken veel op die van de kleine bosaardbei.

grote bosaardbei 'Capron Framboise'            

 

 

 

 

 Veldje met éénmaaldragende aardbeien, afgedekt met antiworteldoek tegen onkruidgroei. Bedoeld voor de instandhouding van enkele eigen ontwikkelde rassen.

 

 

 

 

De geoogste vruchten van diverse eigen ontwikkelde aardbeienrassen.